Er zijn veel verschillende manieren om thuisonderwijs te geven. Aan het ene eind van het spectrum staat het kopiëren van school, waarbij een compleet vakkenpakket (curriculum) wordt gekocht van schoolleveranciers. Bij gebrek aan een Nederlandse markt zijn die leveranciers vaak Amerikaanse homeschooling companies, maar er zijn ook gezinnen die het vakkenpakket van de Wereldschool kiezen of boeken van een lokale basisschool overnemen. Bij deze manier van onderwijs worden in de uiterste vorm vaak schooltijden aangehouden en is er soms in huis een kamer ingericht als klaslokaal.

Aan het andere uiterste staat het zogeheten unschooling. Deze manier gaat ervan uit dat kinderen een aangeboren leergierigheid bezitten en zelf kunnen en mogen bepalen wat ze leren en wanneer, waarbij de ouder als begeleider optreedt. In de meest radicale vorm kent unschooling geen schoolboeken en worden kinderen in geen enkel opzicht verplicht tot het leren van onderwerpen of vaardigheden waar zij zelf niet voor kiezen.

Jet kijkt door loep wespenlijfje

Natuurlijk zijn er veel tussenvormen; zoveel mensen, zoveel manieren. En bovendien verschillen theorie en praktijk ook nog eens van elkaar. De manier die mijn gezin aanhoudt, kun je scharen onder eclectic homeschooling. Wat houdt dat in?

Volgens de Van Dale betekent eclectisch: ‘het beste uitkiezend’. Dat is eigenlijk precies wat ik probeer te doen. Aan de hand van veel verschillende bronnen (waaronder de kerndoelen van het basisonderwijs, boekenlijsten van Pabo’s, internet en véél boeken) zoek ik uit wat het beste bij ons past en waarmee uiteindelijk het beste resultaat bereikt wordt.

In de praktijk betekent dit, dat we in de basisschooljaren voor de vakken schrijven en wiskunde een lesmethode gebruiken zoals op school, en voor de overige vakken (nog) niet.

Voor schrijven gebruiken we de methode Schrift en voor wiskunde de buitenlandse methode My Pals are Here van Singapore Maths. Vakken als geschiedenis, aardrijkskunde, biologie komen levenderwijs aan de orde; ik denk dat het goed is om voor langere tijd ondergedompeld te worden in een bepaald onderwerp en rekening te houden met de interesses en fascinaties van de kinderen.

We gaan veel op pad, om de onderwerpen tastbaar te maken. Als we gelezen hebben over Willem van Oranje, gaan we naar de Prinsenhof, waar hij is doodgeschoten en naar de Nieuwe Kerk, waar hij begraven ligt. Als we met de Grieken, Romeinen of Egyptenaren bezig zijn, gaan we naar het Rijksmuseum van Oudheden en het Archeon. We vragen vakmensen om ons dingen te leren die we zelf niet kunnen (wol spinnen) en luisteren naar deskundige vrijwilligers in het zeelaboratorium van de dierentuin. Of we laten ons rondleiden door de ruimtevaarttentoonstelling van Space Expo of in het Paleis op de Dam.

Naast veel bezoeken aan strand, park en bos, gaan we vier keer per jaar met een gids de natuur in om te ontdekken wat de seizoenen met zich mee brengen. Op deze pagina heb ik jarenlang bijgehouden wat we de gedaan hebben.

Ik laat me in het bijzonder inspireren door de Charlotte Masonmethode, een omvanrijke stroming binnen het thuisonderwijs, waarover hier meer staat.  Een centraal punt in haar onderwijs is het gebruik van zogenaamde living books. Mason vond dat kinderen geen les moesten krijgen uit droge tekstboeken (opsommingen van feiten), maar uit ‘levende’ boeken: verhalen die de tand des tijds hebben of kunnen doorstaan.

We lezen dus heel veel voor, en ik betrek de kinderen bij het selecteren van de informatie: hoe kom je erachter wat waar is? Waar vind je wat je zoekt? Het ene boek zegt dit, de andere wetenschapper dat; wat denk en geloof je zelf?

Naast de voorbeelddag die ik al eerder postte, zal ik tot slot een voorbeeld geven van onze manier van werken. Toen mijn zoon drieënhalf, vier jaar was, was hij gebiologeerd door het onderwerp ‘duiken’. We gingen een aantal maal naar het Omniversum in Den Haag, waar een natuurfilm vertoond werd over marine biologie. De filmmuziek hierbij was ‘Teach (your children well)’ van Crosby, Stills, Nash & Young en dat draaiden we in die tijd wel honderd keer, vertaalden stukken, zongen het mee.

We praatten over het belang van koraal, het behoud van het milieu (zonder koraal geen vissen), hoe je daar zelf iets aan kunt doen (energiebesparing, lichten uit, waterbesparing, kraan uit tijdens het tandenpoetsen). We verwonderden ons over de schoonheid en het vernuft van de schepping, de voedselketen, speelden tijdens het zwemmen dat we echte duikers waren en keken naar de BBC-serie The Blue Planet. We hebben het Handboek Duiken uit de bibliotheek een halfjaar in huis gehad, waarbij mijn zoon de duikuitrusting uit zijn hoofd leerde, plus de gebaren die duikers onder water gebruiken – op eigen initiatief, niet omdat ik vond dat hij dat moest leren. We maakten een duikfles van een geelgeverfde spa-fles met een slang van de luchtbedpomp, stofbril van Gamma bij wijze van duikbril, rietje als snorkel, flippers aan de voeten. Zo kon hij uren spelen.

We zochten alle zeeën en oceanen op de globe op en keken welke vissen en zeezoogdieren er voorkomen.

We bezochten het zeelaboratorium in de dierentuin, waar op doordeweekse dagen ook duikers bezig zijn om het haaienaquarium schoon te maken. We gingen naar natuur-historisch museum Naturalis, naar het Maritiem Museum in Rotterdam en naar het Scheepvaartmuseum in Amsterdam. In het Scheepvaartmuseum ligt een levensgrote replica van een VOC-schip, zodat we boeken gingen lezen over de VOC en Nederlands-Indië. We lazen boeken over wrakduiken en kwamen zo uit op de gezonken schepen als de Titanic en de gezonken onderzeeër Koersk en we lazen boeken over hun geschiedenis.

Zo heb je met één onderwerp, duiken in dit geval, vrijwel alle vakgebieden behandeld. En de dingen die niet vanzelf aan bod kwamen, paste ik aan: mijn zoon had veel lol in het maken van cijfertekeningen: met een potlood stipjes van 1 tm 100 volgen, zodat er een tekening uitkomt. Toen hij wat groter werd, nam ik tekeningen waarbij hij de tafel van 2 of 5 moest volgen: in plaats van 1-2-3, werd het dan 2-4-6 of 5-10-15. En de uiteindelijke tekening was dan zeedier; een bultrugw of orca.

Op deze manier proberen we het onderwijs steeds vorm te geven. En hoewel dit voorbeeld al een aantal jaar geleden is, bleef de passie sluimeren en kon mijn zoon op zijn achtste eindelijk écht op duikles.

Ik hoop dat er nog veel passies zullen volgen.

© A.D. 2007

Eén reactie to “Thuisonderwijs: onze manieren”


  1. […] Van alle markten thuis […]


Reacties zijn gesloten.

%d bloggers liken dit: