Hoehoe, Mien

5 oktober 2009

Soms draai je muziek om de muziek, soms om de tekst. Veel liedjes zijn pure poëzie.

En soms introduceren we muziek die je nauwelijks meer op de radio hoort, behalve tijdens de Top 2000 als er genoeg ouden van dagen op gestemd hebben. Muziek die tot het nationale collectieve geheugen behoort.

Dat kan Jules de Corte zijn, als filosofisch voorzetje:

Of Johnny Jordaan, die vooral tot ons familiegeheugen behoort. Zijn ‘IJzeren pan en ‘De begrafenis van Manke Nelis’ zijn onnavolgbaar.

En de laatste tijd hebben we Tol Hansse uit de kast getrokken. ‘Big City’ is natuurlijk zijn bekendste hit, maar zelf vind ik ‘Achter de rhodondendron’ ook bijzonder nuttig. Bij wijze van tegengeluid voor de teloorgang van de kuise moraal. Mien als rolmodel voor Jet en Cato, zeg maar.

Omdat er alleen een Best of Tol Hansse te leen was bij de bibliotheek, kennen we inmiddels zijn hele repertoire. Het succes van onze aanpak lijkt zich overigens tegen John en mij te keren, want de cd wordt op de meest onmogelijke tijden gedraaid: de kinderen zijn er dol op en zingen alledrie uit volle borst mee. Van ‘Hoofdpijn, reumatiek’ tot ‘Ome Jaap zijn neus is blauw (en dat is niet van de kou)’. Als ik ’s morgens uit de douche kom, galmt Tol me regelmatig tegemoet en tref ik in plaats van Mien, Cato, dansend in haar nachtjapon.

Staart

28 september 2009

Mijn kinderen hebben zo hun kwaliteiten en spelling is niet Philips grootste. Toen we vandaag aan het ploeteren waren, zakte de moed me bijna in de schoenen. Bijna. Want daar kwam als geruststellende epifanie de anekdote uit Johns schooltijd op. Het kan altijd erger.

We schrijven 1974. De vijfde klas krijgt als taalopdracht: maak een zin met het werkwoord ’staren’. Als iedereen klaar is, mag een aantal kinderen zijn zin voorlezen. De meeste zinnen verschillen weinig van elkaar, maar één klasgenoot van John springt eruit met een grammaticaal huzarenstukje. Zijn zin luidt: ‘Hem ze staart dee zeer.’

Hij was wel goed in voetballen.

Beste beentje

2 september 2009

De laatste tijd zien wij de dagen heel zonnig tegemoet. Sinds enige maanden gebruiken we namelijk de heerlijke douchegel van Revlon Natural Honey, met witte thee. Ik dacht al: waar zit het ‘em in? Nou weet ik het, het is de suggestieve geur.

suggestieve geurKlik op de foto voor een vergroting

Engelse brontekst:

suggesting fragranceKlik op de foto voor een vergroting

Omdat dit blog over thuisonderwijs gaat, vraagt u zich vast af welke link er te leggen valt. Laat ik het zo zeggen: ze snappen nu waarom een taalcomputer geen mensen kan vervangen.

Heen en weer

8 mei 2009

Cato luistert de laatste dagen veel naar de zestigerjarenmusical van Jip en Janneke en dus luisteren wij mee. De afspeelfrequentie heeft tot gevolg dat we de cd kunnen dromen en tijdens onze dagelijkse bezigheden uittunen om krankzinnigheid te voorkomen.

Maar soms valt er ineens iets op. Een van de liedjes gaat over het gebruik van de telefoon, een fenomeen dat in de jaren zestig zo excentriek was dat Annie M.G. er een tekst over maakte:

‘Telefoneren, telefoneren, het is zo makkelijk, d’r is niks an.
Eerst je vinger op de vijf, in dat gaatje van de schijf.
En nou draaien,
(‘Ja, maar hoe?’)
deze kant op, naar je toe.’

‘Hmm’, zei Philip hardop tegen niemand in het bijzonder, ‘wat zouden ze bedoelen met “je vinger in dat gaatje van de schijf”…’

Terwijl hij zich aan het bezinnen was op een metaforische betekenis, zei Jet: ‘Ik weet het! Oma heeft zo’n telefoon boven staan. Met een kruldraad eraan.’  Philip kon er zich geen voorstelling van maken, ook niet nadat ik een telefoon met draaischijf voor hem getekend had, waarbij ik me steeds verder voelde wegzinken in een peilloze ouderdom.

Dus togen we vandaag naar het Museum voor Communicatie. En raad eens wat?

Telefoneren met draaischijf

Maar dat het medium waarmee je ontelbare uren lief en leed hebt gedeeld, het enige apparaat dat je scheidde van je vakantieliefde, het Facebook van de jaren tachtig, waarmee je iedere who-what-where-scheet aan je zielsverwanten liet weten, dat dát medium tentoongesteld wordt als rariteit, dat voelt alsof je zelf ook op slag in een museumstuk verandert.

‘Deze telefoon is uit het guldentijdperk’, zeiden Philip en Jet tegen elkaar. Misschien dat ik binnenkort rondleidingen in klederdracht kan geven.

De rest van het museum was leuker dan ik me ervan herinnerde. Het was bijna twee jaar geleden dat we hier waren, voorgaande keren hadden we vooral de tijdelijke tentoonstelling bezocht. Deze keer zijn we ook een poos in de vaste collectie blijven hangen. Genoeg te zien met de sorteermachine voor brieven, de radio en de telex waarmee je echte berichten naar elkaar kunt versturen.

Philip verstuurt telexbericht

Jet ontvangt telexbericht

Ik had veel gehoord over ‘Het Rijk van Heen en Weer’, de nieuwe tentoonstelling waar Wim Hofman speciaal een boek voor geschreven heeft. Boek hebben we nog niet gelezen, maar de expositie was mooi vormgegeven. De opzet bestaat uit zes fantasielanden die ieder verschillende manieren van communiceren laten zien. Je krijgt een houten ‘brief’ mee die alle onderdelen kan ontsluiten: gebarentaal in Anderland, voorbije communicatiemiddelen in Toenland, virtuele contacten in Digiland, enzovoorts.

Ik moet altijd even wennen aan de totale digitalisering van dergelijke tentoonstellingen, maar dat zal te maken hebben met mijn afstamming uit het guldentijdperk. Nergens bordjes, nergens een opstelling die voor zichzelf spreekt; uitsluitend beeldschermpjes en luidsprekers die je spontaan aanspreken als je op het zendertje stapt. 

Het voordeel is wel dat alles gemaakt is op tastende kinderhanden, zodat een blind paard (of een Cato) er geen schade kan doen. Genoeg klautergelegenheid en interactieve knopjes in overvloed. Tot Cato’s vreugde werd er ook nog een stukje uit Knofje vertoond (‘Nofje!’) op een ouderwetse tv met een kussentje ervoor.

Knofje in het museum

Philip en Jet waren het meest te spreken over het gedeelte waar je een filmfragment kon nasynchroniseren. Aan de hand van een klein stukje uit een soapserie kon je een eigen, alternatieve tekst inspreken, zodat een ontroerende scène steeds baldadiger werd.

Nasynchroniseren

Terwijl ik met Cato de jassen al uit het kluisje ging halen, zaten zij tot sluitingstijd stemmetjes in te spreken. Thuisgekomen bleek dat we de scènes vergeten waren op te slaan, zodat we ze niet konden naluisteren. Ik denk dat we nog wel een keertje gaan om het goed te maken.

Uitweiden

9 maart 2009

Een van de leukste dingen van thuisonderwijs vind ik het uitweiden. Dat je met een onderwerp bezig bent en vanzelf in het volgende rolt. Je legt verbanden die je eerder niet opgevallen waren, gaat op onderzoek uit en komt telkens op nieuwe dingen die met het voorgaande te maken hebben. Soms zijn die verbanden logisch, zoals het duikvoorbeeld waarover ik eerder geschreven heb: via een interesse voor de duiksport zoek je oceanen op, het leven in de zee, leer je over koraal, krijg je milieueducatie.

Soms zijn de verbanden minder vanzelfsprekend. Zo heeft het rekenboek van de kinderen meer dan eens uitgenodigd tot zo’n uitweiding. Ik schreef al eerder over de wiskundetaart die Philip maakte naar aanleiding van een som in zijn rekenboek. En nu vond ik een stukje dagboek van precies een jaar geleden dat goed weergeeft hoe we soms van het ene onderwerp in het andere terechtkomen.

Philip was aan het rekenen en ik zat bij hem aan tafel. In het wiskundeboek stond naast de som een plaatje van een chanoekia, zo’n kandelaar die tijdens het joodse chanoekafeest gebrand wordt. De wiskundemethode die we gebruiken komt uit Singapore en heeft, heel politiek correct, de chanoekia naast de kerstster afgebeeld, harmonieus geflankeerd door wat kinderen met een bindi, zo’n hindoeïstische stip op het voorhoofd. Voor elk wat wils. Tijdens de som raakten we aan de praat over verschillen in geloof. Philip herkende de kandelaar en vroeg wat er met Chanoeka precies gevierd wordt.

Susan Marcus, Ga zijn poorten binnenWe pakten er een boek bij met uitleg over joodse feesten en gebruiken, Ga zijn poorten binnen van Susan Marcus – een mooi boek overigens. Nadat we de uitleg over het feest hadden opgezocht, bladerden we verder. We kwamen langs zegeningen en gebeden die bij allerlei gelegenheden worden uitgesproken. Naast de Hebreeuwse tekst stond onder iedere zegen de fonetische spelling. Philip vroeg me of ik een aantal zegeningen wilde voorlezen. En nog eens. En nog eens en nog eens, want hij vond de klank van de woorden zo mooi (Jet kreeg er na zes keer een beetje een sik van).

Vervolgens wilde Philip een stukje Hebreeuwse tekst ontcijferen. Ik heb ooit twee jaar Theologie gestudeerd, dus er staan wat verjaarde taalboeken in de kast. We pakten de studieboeken en Philip spelde hardop het alefbet, het Hebreeuwse alfabet. Hij vertaalde woordjes uit mijn oude werkboeken en reciteerde vervolgens opnieuw de Hebreeuwse heilwensen.

We twijfelden of we latkes zouden bakken, de aardappelpannenkoekjes die bij Chanoeka gegeten worden, maar besloten dat tot een volgende keer te bewaren. Philip maakte zijn sommen af en ging spelen met Jet.

Zo grazen we vaker om onze taal- en rekenlesjes heen. Thuisonderwijs is geen rooster dat we op schooltijden afwerken, het vindt de hele dag door plaats. Het is de kunst, het genoegen, om erin mee te gaan. Natuurlijk gebeurt het niet iedere dag dat een reeks vermenigvuldigingen uitloopt op een gesprek over cultuurgeschiedenis, maar ik geniet er ontzettend van als het wel zo verloopt. Het is een groot voorrecht dat we de tijd kunnen nemen om die dingen te laten gebeuren.

Mocht je geen Hebreeuws woordenboek paraat hebben, dan kun je onderstaande links gebruiken voor een sfeerbeeld. Ik heb de site verder niet onderzocht, maar het was de beste die ik kon vinden wat betreft uitspraak en vertaling.

Hier de chanoekazegeningen die wij bekeken hebben. Halverwege de pagina zie je naast de Hebreeuwse tekst een luidsprekertje waarop je kunt klikken. Zo hoor je de juiste uitspraak (met een pietsie Amerikaans accent)  en kun je meelezen met de fonetische en vertaalde tekst eronder – van rechts naar links.

En hier staan alle zegeningen op een rij; de dagelijkse, die voor sjabbat, de joodse feestdagen en andere speciale gelegenheden, bijvoorbeeld bij ziekte of (is dat niet mooi) bij het zien van de regenboog.

Beluister in ieder geval deze even. Het is de zegen die ik jullie allemaal toewens.

Gesurft voor u

17 januari 2009

Leuk instrument voor ieder denkbaar onderwerp: woordpuzzeltjes. Zelfgemaakte woordzoekers om Engelse woordjes te oefenen, of Franse, namen van dinosaurussen of de Hanzesteden.

Ik heb er eentje gemaakt van Star Wars, ook reuze educatief. Via deze link kun je hem binnenhalen (met een verwijzing naar oplossingen). Op deze pagina kun je je eigen woordzoeker maken.

Nog een leuke: zelfgemaakte kruiswoordpuzzels. Vond ik handig voor geschiedenis (Wie won de Zilvervloot? Waar werd Rembrandt geboren?), maar ook daar kun je natuurlijk ieder ander thema voor bedenken. Hier de mogelijkheid om zelf kruiswoordpuzzels maken.

Als je naar de voorpagina van Armored Penguin gaat, zie je nog meer bronnen om huisgemaakte puzzeltjes te creëren.

m s h u s k z a a v W p g h q m s w u i x y p
d j l p a h r x o e O n f o d v b m j t u n g
j l d f z l z o p q O l d o g k f l b s o f k
u o p g h l z a a v R x k p f j i o t b p y y
k s g i m o o p q f D j l l d z x v b n m q w
y h n q a z w s x e P d c r f t g b n k o m q
t o t g p l z q a w U x k j f c o b j b p q o
h p r c o l a s d f Z g h r t y i o l m p y m
j s v v b k c a k s Z l g h o m f w u i g o u
s x b m j o z o a q E j f h q m c w j r v p c
c k h d s p g a p v L p q v b i p r u i o n h


Mooie boeken

5 januari 2009

Ik was vorige week nog even in mijn eentje in de boekwinkel, waar ik scharrelend over de kinderafdeling een paar pareltjes tegenkwam die ik je niet wil onthouden. Sommige heb ik gekocht, andere gaan we uit de bibliotheek halen, maar het zijn stuk voor stuk boeken die er wat mij betreft uitspringen.

2009 is een Louis Braillejaar en het tweede deel in de serie Onbeperkt Lezen is uit. Ik schreef al eerder over het boek van Nijntje met de letters in braille en de voelplaatjes – nu is in dezelfde reeks een deel uitgekomen met de Disneyversie van Winnie de Poeh. Weer een boek om te lezen met je oren, je vingers en deze keer ook je neus, want er zit een geurplaatje in.

etiquette in de treinReinildis van Ditzhuyzen, Kinderen weten hoe het hoort. Etiquette voor een jonger publiek. Vinden jullie vast vreselijk truttig en ouderwets, maar het is echt een goed boekje. Met uitleg over de oorsprong van etiquette. Verder gaat het niet alleen over tafelmanieren, maar ook over vousvoyeren, groeten en sorry zeggen. Of zoals in de inleiding staat: het is fijner om met elkaar om te gaan als je je inleeft in een ander.

Holocaust, de gebeurtenissen en hun invloed op de gewone mensen van Angela Gluck Wood. Wat mij betreft  het meest geschikte boek voor kinderen dat ik over dit onderwerp zag. De vorm, verhalen van echte mensen, spreekt mij meer aan dan het boek van Clive Lawton dat ik vorig jaar kocht. De vormgeving is overzichtelijk en het boek begint met de geschiedenis van het anti-semitisme en de Joodse samenlevingen in Europa – iets wat ik miste in andere boeken. Het laat zien dat jodenhaat niet iets van de laatste eeuw is. Ook de aandacht voor Hitlers propaganda, de postercampagnes met stereotypen die de doorsnee burger infecteerden, vond ik onmisbaar. Hier nog een uitgebreide recensie van het boek.

Frank Groothof, Vincent van Gogh, een leven in schilderijenFrank Groothof heeft weer een prachtig nieuw boek gemaakt: Vincent van Gogh, een leven in schilderijen. Wij krijgen het een dezer dagen binnen, dus ik heb het nog niet helemaal gelezen of beluisterd, maar van wat ik er in de gauwigheid van gezien heb, denk ik dat het een compilatie is van Vincent en Theo, broeders in de kunst en de meesterlijke audiotour die Groothof voor het Van Gogh Museum gemaakt heeft. Vanaf 9 februari draait er trouwens ook een nieuwe Van Goghfilm in het Omniversum. Boek erbij, nog een bezoekje aan het museum en we zitten er weer helemaal in.

De allermooiste: De aankomst van Shaun Tan. Een migrant, nee, de migrant, de universele migrant, arriveert in zijn nieuwe land. Een duizelingwekkend mooie weergave van de gevoelens van iemand die alles achtergelaten heeft en opnieuw begint in een ander land. Tans eigen vader emigreerde van Maleisië naar Australië, maar het verhaal is dat van een willekeurig mens in een willekeurig land. De ontreddering van de man in zijn nieuwe land is voelbaar tot in je botten – hoop en onbegrip opgetekend in beeldschone beelden.

Ten slotte heb ik Zsa Zsa gekocht, het tweede boek van Janneke Schotveld, de schrijfster van Villa Fien. Veel goede berichten over gehoord, het wordt ons volgende voorleesboek. We zijn op het moment nog bezig in Koning van Katoren, maar dat is bijna uit, omdat Philip en Jet iedere minuut aangrijpen om eruit voorgelezen te worden. Het was vroeger een van mijn lievelingsboeken. Blijft prachtig natuurlijk.