Zusterliefde

5 januari 2013

Sinds ze het geschreven woord ontdekt heeft, strooit Cato kwistig met dankbetuigingen, verzoeken, terechtwijzingen, verlanglijsten en uitnodigingen voor een bal waar zij alvast voorbereidingen voor getroffen heeft (feestjurk, stemmige muziek, stoelen aan de kant).

Op last van de brandweer kan ik niet alle pennenvruchten en kunstwerken bewaren, maar zo nu en dan vind ik iets wat ik toch in een mapje stop.

Transcript:

Sgepen vaaren
wolke vergaan
maar onze lifte blijft altijd bestaan
voor jet
van cato

Je kunt veel zeggen, maar het is een sfeervol tafereel geworden. Dat komt omdat we pas na de boeken, kunstgeschiedenis, sportclub, moestuin, boodschappen en het avondeten tijd hadden om de trekking te laten plaatsvinden. Daar staat tegenover dat vriend D. inmiddels vrij was van school en aanbood als onafhankelijke toezichthouder op te treden. De AFM in eigen persoon, zeg maar.

Ik hoop dat u alle karakters in het schemerdonker kunt ontwaren, maar ik presenteer, van links naar rechts: vriend D. met Victoria, Cato en Philip.

Winnaar, van harte gefeliciteerd! En iedereen die weer meegedaan heeft, via mail of reacties, bedankt voor jullie enthousiasme!

Het ene prijzencircus is nog niet afgelopen of het volgende staat alweer klaar. Ik kon ook niet weten dat prinses Laurentien ineens alarm zou slaan, hier in De Telegraaf.

Uit het artikel zou je de indruk kunnen krijgen dat de prinses de afgelopen tien jaar onder een steen in de tuin van Soestdijk heeft gezeten (‘Prinses Laurentien ondervond dat jongeren elkaar minder op straat ontmoeten en meer op internet’), maar iedere campagne om mensen aan de taal te krijgen, geeft de burger moed. En sinds ze de Roemeense boerinnenlook heeft weggeëpileerd zet prinses Laurentien zich bewonderenswaardig fanatiek in voor de goede zaak.

Tien procent van de Nederlandse bevolking is laaggeletterd. Anderhalf miljoen mensen. Nee, dat zijn niet allemaal migranten. Tweederde is gewoon autochtoon. Je kunt geen bijsluiter lezen, geen brief van de gemeente, geen vertrektijden van de trein, geen bordje ‘Radiologie’ in het ziekenhuis – laat staan ‘Cardiothoracale Chirurgie’, je kunt je kinderen niet voorlezen. En volgens Laurentien wordt het er niet beter op.

Dan kan ik wel een zestiende-eeuws Engelstalig cadeautje geven, maar daar schieten we niks mee op in de Week van de Alfabetisering. Ik dacht eerst nog: wat in het vat zit, verzuurt niet. Maar toen dacht ik, nee, laat ik het ijzer smeden als het heet is. Dus nog een weggevertje, in stijl met de blognaam: Puzzelen met spreekwoorden. Het is maar een kleinigheidje, maar we moeten ergens beginnen.

Iedereen kan weer meedoen: schoolgaand of op een zeilboot, kind, gepensioneerd, in een expatreservaat of Diemen-Zuid. Ik schat dat het leuk is vanaf een jaar of 8, maar eerder kan ook, als je het samen doet of jij het schrijfgedeelte voor je rekening neemt. Cato (5) vond er nog niet veel aan, Philip en Jet vonden hem zo leuk dat ze er tijdens hun vakantie op eigen initiatief mee bezig geweest zijn. Mijn moeder was er ook niet uit weg te slaan.

Je kunt hieronder je naam invullen of een mail sturen via ‘wie, wat & contact’ bovenaan de pagina. Maandag 10 september trekken we een winnaar.

—-

Denk aan juffrouw Scholten,
die is vandaag gesmolten,
helemaal gesmolten, op de Dam.
Dat kwam door de hitte,
daar is ze in gaan zitten
– als je soms wil weten hoe het kwam.
Ze hebben het voorspeld: pas op, juffrouw, je smelt!
Maar ze was ontzettend eigenwijs…
Als een pakje boter,
maar dan alleen wat groter,
is ze uitgelopen, voor ’t paleis.

Enkel nog haar tasje
lag daar in een plasje…
Alle kranten hebben het vermeld
op de eerste pagina.
Kijk het zelf maar even na.
Ja, daar staat het, kijk maar: DAME SMELT.

Die arme juffrouw Scholten…
helemaal gesmolten…
Als dat jou en mij eens overkwam…
Lâ we met die hitte
overal gaan zitten…
maar vooral niet midden op de Dam.

Annie M.G. Schmidt (1911 – 1995)

Op den eersten tand

17 augustus 2012


‘Triomf, triomf! Hef aan, mijn luit,
Want moeder zegt: de tand is uit!’



Het had wat voeten in aarde,

maar na enige overredingskracht

en een rijstwafel als lokaas,

liet zij zich met blijde zin fotograferen.

Ik vroeg de kinderen of ze een idee hadden waarom Tollens de versregels hierboven geschreven kon hebben. Het was dan wel een tranentrekker, die Hendrik, maar hij heeft geen gedicht geschreven op de eerste stapjes van zijn zoon. En het was ook niet ironisch bedoeld.

Waarom dan die lofzang op de ivoren wachters? Gewoon om het te vieren, dacht Cato. Omdat er gestopt kon worden met de borstvoeding, gokte Philip. (Dat hij zelf borstvoeding heeft gekregen tot lang nadat zijn gebit compleet was, was hij vergeten. Daar doe je het voor, als moeder.)

Tollens schreef het gedicht aan het begin van de 19e eeuw. De levensverwachting in die dagen was 40 jaar. En van alle gezondgeboren kinderen stierf ongeveer een vijfde voordat ze 1 jaar oud waren. Als die ondertand eenmaal door was, had je het eerste colletje wel in de benen en een flinke etappe gewonnen dus. De kans was dan aanzienlijk groter dat je kind volwassen zou worden; alle reden voor rijmelarij.

Victoria was er niet van onder de indruk. Als ze die rijstwafel maar kreeg.

Op den eerste tand van mijn jongstgeboren zoontje

Triomf, triomf! Hef aan, mijn luit,
Want moeder zegt: de tand is uit!
Laat dreunen nu de wanden!
Eerst gaf Gods gunst het lieve wicht
Den adem en het levenslicht,
Nu geeft zij ’t wichtje tanden.

Triomf, triomf! God dank er voor,
Want moeder zegt: de tand is door!
Nu lof en lied verheven!
Geluk nu, kind, met snaar en zang!
Besteê het wel, bewaar het lang,
Wat u Gods gunst wil geven.

Bewaar het lang, besteê het wel:
En goed gebruik is Gods bevel:
Laat u dat voorschrift leiden;
Hou, u ten nut en Hem ten dank,
De tandjes rein en ’t zieltje blank;
Zo knagen geen van beiden.

Groei op, groei op! Word groot en goed;
Win treflijk aan in kracht en moed
Om lot en leed te tergen;
En, wie u ’t eerloos hoofd moog’ biên,
Laat, jongen, laat uw tanden zien,
Waar eer en plicht het vergen.

Groei op, word braaf, bekroon zijn doel:
Laat vroeg uw ziel van diep gevoel
Voor recht en waarheid branden!
Belach der bozen wrok en wraak,
En neem altoos der braven zaak
Manmoedig op uw tanden.

Groei op, word vroom, word rijk aan deugd!
Laat nooit mijn oog, dat weent van vreugd,
Om u van weemoed krijten;
En geve u God tot aan den dood
Een eerlijk stukje daaglijks brood,
Waarop uw tandjes bijten!

Hendrik Tollens (1780-1856)

Wie verliefd was op het oude kinderboekenmuseum, moet opnieuw gaan daten. Bij het eerste afspraakje zie je de totale metamorfose: van een gezellige, rommelige vrijeschoolmoeder is het museum een blonde stoot geworden, strakgetrokken en opgevuld – en een tikkeltje onbetrouwbaar, met al haar nieuwe gadgets.

Weg zijn de intieme themakamertjes, weg is het winkeltje van meneer Pen, weg de knuffelhoek waar ik een kleine Philip zoveel boekjes heb voorgelezen op regenachtige dagen, weg de Sprookjesschrijver bij zijn vijver vol inkt. Daarvoor in de plaats is Papiria gekomen, een land van boeken en verhalen.

Het Kinderboekenmuseum is drie jaar dicht geweest; vorige week ging het opnieuw open. We zijn er meteen al twee keer geweest, omdat de eerste keer het cruciale onderdeel van de tentoonstelling, de zogenaamde slurper, ontbrak. Deze week bleek de bestelling bij het museum aangekomen en wilden we het nog eens proberen.

Papiria ziet er erg mooi uit. Je komt binnen op de leesweide, waar holletjes vol boeken ingegraven zijn. Daartussen luidsprekers die je tegen je oor kunt houden, waardoor verhalen voorgelezen worden. 

Dat is meteen zo’n beetje het enige onderdeel waarvoor je geen slurper nodig hebt – de elektronische armband die je gang door het museum volgt.

Bij ons liet de communicatie wat te wensen over. Bij de balie kregen we een slurper in handen gedrukt met als enige opmerking dat deze nodig was voor de tentoonstelling. Wáárom je hem nodig hebt, of wat je ermee doet, was een raadsel. Ook na het introductiefilmpje was ons niet duidelijk wat nou de bedoeling was, behalve de vurige oproep: ‘Pak je slurper en versla Inkvraat!’ Zo doolden we wat door het museum, hier en daar proberend, tot we twee vriendelijke medewerksters tegen het lijf liepen die ons behulpzaam konden zijn.

Het achterliggende verhaal is als volgt: Papiria wordt geteisterd door Inktvraat, een vormeloos wezen dat niet van verhalen houdt en woorden opvreet (er zijn al hapjes genomen uit alle woorden die de wanden sieren). Bezoekers kunnen Inktvraat stoppen door zelf nieuwe verhalen, gedichten en illustraties te maken.

Met de slurper kies je welke woorden in jouw verhaal mogen voorkomen. Je houdt de armband bij een van de vele kinderboekencitaten, kiest een woord of zinsdeel dat je aanspreekt, hoort een slurpgeluidje en hebt zo een stukje verhaal verzameld.  

Er zit een maximum aan het aantal te slurpen woorden. Dat was ons eerst niet duidelijk, wij slorpten lukraak alles wat we tegenkwamen. Fout.    

De woorden die je opgeslagen hebt, worden aan het eind van de tentoonstelling namelijk op een vel papier geprint. Als je maar blijft slurpen, zie je door de hoeveelheid woorden het verhaal niet meer, dus je moet selecteren. 

Daarnaast zijn er extraatjes te ontvangen met het vervullen van opdrachten. Zo moet je in het Donderstenenravijn de juiste attributen bij bekende personages vinden: de katapult hoort bij Pietje Bell, de boot bij Sietse en Hielke van de Kameleon. 

In het gevoelige deel van Papiria, het Diepe Denkersdal, kun je een premie verdienen door gevoelens uit te beelden. Eén persoon laat, in een apart hoekje, voor de camera een emotie zien.

En de anderen zeggen welk plaatje erbij hoort.

Zo zijn er flink wat missies te voltooien. Overal lonken knopjes, schermpjes en luidsprekers om te activeren. Vooral de televisiefilmpjes waarin schrijvers en illustratoren vertellen over het ‘geheim van hun boek’ zijn erg mooi gemaakt: Peter Verhelst en Carll Cneut laten zien hoe Het geheim van de keel van de nachtegaal totstandkwam, Tos de kok (uit Otje) vertelt hoe bijzonder Annie Schmidt en Fiep Westendorp waren.

Door de prachige vormgeving en het bijzondere licht hangt er in Papiria een sprookjesachtige sfeer, die de kinderen een beetje deed denken aan Star Wars (het is maar wat je referentiekader is). En eerlijk is eerlijk, de stoelen uit het Denkersdal hebben inderdaad wat weg van die op waterplaneet Kamino

Uiteindelijk mag je alle informatie die op je slurper verzameld is, uitwerken in de knutselruimte – een optioneel eindstation van je bezoek. Met die opgeslagen steekwoorden en extra’s maak je dan een eigen verhaal, gedicht of illustratie.

Papiria is officieel voor kinderen vanaf zeven jaar. Dat klopt ook wel, want Cato (drieënhalf) kon twee dagen moeilijk slapen van de introductiefilm: ‘Ik moet ineens aan Inktvraat denken.’ Verder zijn er zes routes in het museum, waarvan één griezelige. Ik begrijp dat Paul van Loon ook een plaats in het museum moest krijgen, maar dat deel was niet aan mijn kinderen besteed. Gelukkig was er aan de linkerkant van de leesweide genoeg van onze gading.

Ja, de tentoonstelling is prachtig geworden. Ook al mis ik het oude museum, ik zie de schoonheid van het nieuwe echt wel in. De fantastische wandschilderingen van Sieb Posthuma, de aandacht die besteed is aan illustraties in kinderboeken, de mooie vondsten in beeld en geluid.

Maar het nadeel van zó veel beeld en geluid is dat er ook zo veel kapot kan gaan. Bij ons eerste bezoek ontbrak de slurper, bij ons tweede bezoek, een week later, deden zeker vier attracties het niet en waren de printers stuk, zodat er geen uittreksel uit onze slurper gedrukt kon worden en de kinderen geen souvenirpasje mee naar huis kregen.

Ik denk dat de opzet ook iets minder ingewikkeld had gehoeven. Én woorden verzamelen, én opdrachten vervullen, én verhaaltjes luisteren, én een vaste route lopen, én na afloop nog een verhaal schrijven is misschien een beetje veel. De meeste kinderen vinden het toch vooral leuk om rond te neuzen, zelf te ontdekken, hun favoriete thema of schrijver op te zoeken – zonder de onderdelen in een vast stramien af te werken.  

We komen er zeker nog eens, al was het alleen maar voor de Kikkertentoonstelling in maart. Maar ik denk dat het nog wel even duurt voordat ik mijn oude liefde kan verloochenen. 

Vacature

29 januari 2010

‘Zo’, zei Jet terwijl ze me een velletje in handen duwde, ‘ik heb mijn schrijven voor vandaag ook weer gedaan.’

Functieomschrijving

Een leuke baan in een kleine organisatie met voldoende ruimte voor verantwoordelijkheid.

In tegenstelling tot de advertentietekst heeft de functie betrekking op drie kinderen, in de leeftijd van twee tot tien jaar. Je werkt binnen een open, informele cultuur waar geen 9 tot 5-mentaliteit heerst.

Stressbestendigheid en een positief zelfbeeld strekken tot aanbeveling, aangezien het middelste kind (meisje, 7 jaar) optimaal bekend is met de persoon van Mary Poppins, zowel in de roman van P.L. Travers als in de Disneyfilm uit 1964. Identificatie is derhalve onvermijdelijk.

Voorts verwachten wij:

  • engelengeduld
  • flexibiliteit gelijk een trapezewerker in het Chinees Staatscircus
  • een sprookjesachtige inslag
  • kennis van de vliegkunst en goochelaarscapaciteiten (als het toveren van grote attributen uit een kleine tas) zijn een pre.

Ben jij de logistieke duizendpoot die we zoeken? Meld je dan snel via het contactformulier linksboven.