Elf november

17 november 2008

Sintmaartenopbrengst

Soms is er zo veel te leven, dat er nauwelijks tijd is om er over te schrijven. We zijn druk geweest met sport, vrienden en vriendjes, en met de voorbereidingen voor en afterparty van Sint Maarten.

Sint Maarten is een feest uit mijn jeugd, waaraan ik heerlijke herinneringen bewaar. Het was altijd het begin van een seizoen vol feestelijkheden en donkere avonden met lichtjes en gezelligheid. In mijn huidige wooncontreien wordt het niet gevierd, daarom ga ik jaarlijks met de kinderen terug naar mijn ouderlijk huis om de traditie door te geven. Bijven we meteen een paar nachten logeren.

De kinderen verheugen zich er al weken op. We oefenen de liedjes en maken lampionnen – soms van een oud melkpak, dit jaar van gekleurd karton en papier maché.

lampionnen maken

De lol zit hem in de voorpret, het uitkiezen van een ontwerp, nadenken over materiaal en uitvoering. Dergelijke huisvlijt overtreft iedere fabriekslampion.

Luchtballonlampion

blauwe-bal-met-sterren

Jettes lieveheersbeestjeslampion

Volgende keer gaan we bij het papier-maché proberen vliegerpapier te gebruiken in plaats van krantenpapier. Dat zal vast een mooi resultaat geven en dan hoef je ook de opgedroogde machébol niet meer te schilderen. Kun je zonder samengeknepen billen het weerbericht afwachten, omdat je niet meer bang hoeft te zijn dat je in een herfstbui op sintmaartenavond met een snotterige verfbom aan een stokje loopt.

We hadden trouwens mazzel met het weer: de hele route bleef het droog. Jet had, geïnspireerd door het verhaal van Sint Maarten in de voorgaande week nog een eigen tekst gemaakt op een wijs die het midden hield tussen ‘Sinte, Sinte Maarten’ en ‘Sinterklaas goedheiligman’.  Philip wilde eerst niet meezingen (‘Jet, dat lied kénnen de mensen toch niet!’) maar was later de eerste om te zeggen dat zijn zus het helemaal zelf gemaakt had, toen ze er veel bewondering mee oogstten aan de deur.

Sinte Maarten kwam eens een keer een man tegen
Sinte Maarten vroeg aan de man:
‘Wat wilt u van mij gegeven?’
De man zei: ‘Ach, ik heb het zo koud.
Geef mij een stuk van uw mantel,
en ook een beetje gou-oud.’

Bij de deur

De opbrengst was weer ouderwets enorm. Zelfs Cato had een katoenen tas vol. Ik had gedacht dat ze het te spannend zou vinden in het donker, maar haar verlegenheid bleek welgeteld één tuinpad te duren. Toen ze zag dat Philip en Jet zomaar iets uit een schaal mochten pakken, ging ze los. De lampion hoefde ze eigenlijk niet. En zingen ook niet. Maar ze kon wel heel goed snoepjes aanpakken en in haar tas doen. En er weer uithalen.

Cato selecteert

Meestal wordt er, na de eerste braspartij direct bij thuiskomst, niet zo heel veel meer naar het snoep omgekeken. Het gros verdwijnt in de snoeptrommel, waar we het komende halfjaar van kunnen eten. 

Het feestseizoen is begonnen.