Familiefilms

14 november 2010

We hebben Sint Maarten overleefd en de eerste schoenen zijn gezet geweest geworden. Nu is het zaak die enorme berg snaai zo snel mogelijk weg te werken, hangend voor de televisie.

De dagen zijn nog steeds aan het indikken, dus hier eens een lijstje met films in plaats van boeken. Films die ten minste één volwassene en één kind leuk vinden, maar het liefst films die we allemaal samen willen kijken. Mijn kinderen zijn geen helden: geen gegriezel en liefst geen zichtbaar bloed. Dan is dit het resultaat.

Favorieten aller tijden

Back to the Future – trilogie
Een à twee keer per jaar kijken we alle drie delen. Het begon uit jeugdsentiment, maar ze zijn zo goed dat we ze telkens opnieuw willen zien. Spannend en grappig voor alle leeftijden.

Star Wars
Nee, het leek mij ook niks. Totdat ik mee ging kijken. Het verhaal zit écht mooi in elkaar en blijft boeien. Al zal ik nooit zo’n kenner worden als Philip, ik zie ze graag. Je kunt het beste beginnen met deel IV, V en VI – de trilogie die als eerste gemaakt werd, van 1977 tot 1983. Daarmee krijg je een goed beeld van het verhaal en zijn de special effects nog wat meer van bordkarton, zodat de spanning wordt opgebouwd. Daarna de delen I, II en III (uit 1993-2005). Deel III is bij ons een twijfelgevalletje voor Jet, want daar zitten een paar stukjes in die te eng voor haar zijn. Hier en hier meer over Star Wars.

Groundhog Day
Geweldige, bijzondere film met Bill Murray. Je moet er vooraf niet te veel over lezen, dan is het verrassingseffect weg.

Johnny English
Parodie van Rowan Atkinson op James Bond – ontzettend leuk. We hebben laatst voor het eerst ook een paar echte James Bonds gekeken, die met Roger Moore (persoonlijke favoriet). Vooral Moonraker was een schot in de roos. Niet te eng, geen bloed en toch die spannende Jaws. Leuk dat de kinderen de grappen uit Johnny English nu beter snappen. Johnny English 2 is trouwens ook in de maak. Ik las op Twitter dat de opnamen al bezig zijn, komt waarschijnlijk zomer 2011 in de bioscoop.

Fly away home
Prachtige film over een meisje dat een nest ganzeneieren redt. Als het winter wordt, wijst ze de ganzenkuikens zelf de weg naar het zuiden.

A Christmas Carol
Deze mag volgende maand gelukkig weer. Ik heb ze niet allemaal gezien, maar de versie uit 1984 met George C. Scott vind ik de beste die ik ken. En daarna natuurlijk The Muppet Christmas Carol met Michael Cane. Daar had ik hier al eerder over geschreven.

Met muziek

Deze vallen in het genre ‘leuk voor slechts een van de volwassenen’, want John is niet erg te porren voor films waar men zo nu en dan in een lied uitbarst. Ik wel.

Mamma Mia!
De cast is geweldig, de locatie is heerlijk en de liedjes zijn allemaal bekend, wat wil een mens nog meer? Cato wil in de auto alleen nog ABBA horen. Persoonlijk vind ik dat een verbetering ten opzichte van Sacco van der Made die zes verschillende stemmetjes doet in de sprookjes van Grimm.

Grease
Deze was bedoeld voor Jet, maar bleek ook bij Cato een schot in de roos. Philip liep aanvankelijk de kamer uit toen John Travolta en Olivia Newton John hun eerste filmkus kusten (‘O nee, ik ga geen seksfilm kijken’), maar draaide halverwege bij omdat hij toch wilde meekijken. Hij heeft nog bij twee kussen beschaamd het hoofd afgewend, maar de rest van de film kon zijn kuisheidsnorm dragen.

The Sound of Music
Genoegzaam bekend; ik zet hem erbij voor wie hem vergeten was.

Mary Poppins
Ook met Julie Andrews, ook genoegzaam bekend.

Chitty Chitty Bang Bang
Net als de twee hierboven ook jaren zestig, ook veel liedjes, ook een hele zit (bijna 2,5 uur), maar een stuk minder bekend. Roald Dahl schreef mee aan het script en dat kun je soms duidelijk zien: een akelige boef die net iets akeliger is dan je zou verwachten. De parodiëring van het Drittes Reich is een beetje potsierlijk, met het accent van Benny Hill en opnames in Kasteel Neuschwanstein (het boek waarop de film gebaseerd is, van Ian Fleming, speelt in Frankrijk – in de film is daar ‘Vulgaria’ van gemaakt), maar dat valt kinderen niet op en het verhaal is spannend en onderhoudend.

Fiddler on the Roof
Prachtig, maar voor Jet werd hij halverwege te naar. Het verhaal speelt zich af in een joodse gemeenschap aan het begin van de 20e eeuw in Rusland, met de eerste pogroms van die jaren. Jet zat juist weg te dromen bij de meisjesdingen in de film, toen het huwelijksfeest van de oudste dochter van hoofdpersoon Tevye werd verwoest door antisemitisch geweld. Daarna is het niet meer goedgekomen tussen Jet en de film. Het eerste deel heeft ze nog wel honderd keer gedraaid; vanwege het mooie verhaal en de liedjes ‘If I were a rich man’ en ‘Matchmaker’.

Yentl
Om goed te maken wat bij Fiddler on the Roof fout ging. Het is gelukt, Jet zit er net zo van te genieten als ik. En Philip trouwens ook. Gebaseerd op een kort verhaal van Isaac Bashevis Singer en och, zo mooi.

Tenslotte drie eervolle vermeldingen die hierboven niet passen.

Ronja de Roversdochter
Want het is geen film, maar een serie. Toch noem ik hem, omdat hij zo prachtig is. Een van de weinige films die volledig recht doet aan het boek. Je kunt hem in graaibakken bij dvd-en speelgoedwinkels voor een paar euro op de kop tikken.

Spirit: Stallion of the Cimarron
Eigenlijk wilde ik er geen tekenfilm bij zetten, want dat is meestal meer kinder- dan familiefilm. Natuurlijk zijn er films van Disney, Pixar en Dreamworks die voor iedereen leuk zijn, maar daar hoef je niet naar op zoek te gaan: je kunt ze nauwelijks ontwijken. Spirit zie je bijna nergens, terwijl hij prachtig is. Prachtig voor iedereen die van paarden houdt, prachtig over de pioniersgeschiedenis van de Verenigde Staten en bijzonder omdat het paard in de film niet praat, maar je alleen zijn gedachten hoort.

The Muppets’ Wizard of Oz en Muppet Treasure Island
Hiervoor geldt een beetje wat ook voor Spirit geldt, de Muppets lijken soms bijna vergeten en dat vind ik jammer. Hun remakes van klassieke films zijn onwijs leuk.

Op mijn lijstje voor het komende jaar:

  • The Story of the Weeping Camel. Van dezelfde regisseur als Fly Away Home.
  • Nim’s Island. Omdat die over een thuisonderwezen meisje gaat.
  • Jane Austen. Ik weet nog niet welke, moet even kijken wat het leukst is voor Jet. Ik had er eerder niet aan gedacht, maar Fleur wees me erop – vond ik zo’n goed idee.
  • ET. Want die hebben de kinderen nog niet gezien.
  • Anne of Green Gables. Want die heb ik zelf nog niet gezien, wel veel over gehoord. Lijkt me heerlijk om samen met Jet te kijken.

School met den Bijbel

11 juni 2009

Kent u die mop van dat gezin dat naar het Anne Frankhuis zou gaan?

Precies. Ze gingen niet.

Ze gingen naar het Bijbels museum. Ze hadden al een paar keer geprobeerd het Anne Frankhuis binnen te dringen, maar telkens was daar een onoverkomelijk obstakel in de vorm van a) een rij tot aan de Westertoren of b) internetkaartjes die uitverkocht bleken te zijn.

Maandag wilden we het weer eens proberen. De onlinekaartjes waren gewoontegetrouw uitverkocht, maar avontuurlijk als we zijn, zouden we de gok wagen. Afgaande op de kaartverkoop van andere dagen leek halverwege de middag, zo rond half drie de beste tijd. Daarvóór wilde ik even langs het Bijbels museum; dat ligt in de buurt van het Anne Frankhuis en we waren er nog nooit geweest. Mijn verwachtingen van het Bijbels Museum waren niet al te hoog gespannen; ik dacht dat we er een uurtje zouden doorbrengen om vervolgens op ons gemak naar het Achterhuis te wandelen.

We pakten een tram richting Spui en begonnen met ijs bij onze oude favoriet Lanskroon, de bakker met zijn kakelverse, bijzondere ijssmaken. Basilicumijs was deze ochtend niet gemaakt, maar rabarbersorbet met gemberstukjes en bloemenroomijs zijn genoeg om gelukkig van te worden.

Het Bijbels Museum bleek niet de vergane glorie te zijn die ik had verwacht. Het pand is prachtig gerestaureerd en de tentoonstellingen waren zeer de moeite waard. De tijdelijke expositie over Salomo’s beroemde tempel was erg mooi, zowel de replica van het zeventiende-eeuwse model als de digitale presentatie, waarbij je de tempel van alle kanten te zien kreeg.

Digitale tempel van Salomo

Met een cathechesespeurtocht trokken we verder door het pand, van de derde verdieping tot de kelder, van de tabernakel (mooie presentatie) tot de Tempelberg.

Jet kijkt uit over Jeruzalem

Er was genoeg te zien, te herkennen en te doen. In de kelder kon je onder meer in Bijbelse talen schrijven, met een sjabloon van het Griekse en Hebreeuwse alfabet. Je naam als sjibbolet, want je bent immers al gekend van voordat je geboren werd.

Bijbels schrijven

Je kon Goliath onderuithalen met de slinger van David,

Zelf de eerste steen gooien

en Bijbels snuffelen in het geurenkabinet – zoals u ziet geen onverdeeld genoegen.

Bijbelse geuren

We ontdekten steeds meer dingen. Natuurlijk de bijbelgeschiedenis die de kinderen overal herkenden. En de plafondschilderingen hadden wel niet zo veel te maken met de Bijbel, maar daarin ontdekten ze verhalen waarover we gelezen hadden in Griekse en Romeinse mythen – goden die werden vereerd in de tijd van de Bijbel.

Mythen ontdekken op het plafond

Deianeira ontvoerd door centaur

Zo dwaalden we door de kamers en door de lieflijke tuin en werd het later en later. In plaats van een uurtje hadden we drie uur door het museum gescharreld. Het had geen zin meer om naar het Anne Frankhuis te gaan, daar hadden we allemaal vrede mee.

Maar weet je, toeval bestaat niet. Zeker niet als je in een Bijbels Museum bent. Want wie kwamen we tegen? Je gelooft het niet. Anne Frank. Nou ja, bijna dan.

Het was Jip Wijngaarden, de actrice die Anne Frank speelde in dé uitvoeringen van het Dagboek, het toneelstuk en de film. Wat ik normaal nooit doe, deed ik nu wel: ik sprak haar aan. En we raakten aan de praat. De kinderen hadden delen van het toneelstuk gezien en Jet vroeg of ze nog steeds actrice was. Dat bleek niet zo te zijn. Ze maakt al jaren een ander soort kunst, schilderijen en sculpturen geïnspireerd op de Bijbel. Ze had ansichtkaarten van haar werk bij zich en liet ons al haar werken zien; gaf toelichting bij de bronzen beelden die ze gemaakt had, vertelde hoe groot de doeken in werkelijkheid waren, waar ze geëxposeerd waren en wat ze ermee bedoelde. Prachtige voorstellingen zoals deze jakobsladder, met in plaats van engelen, een tekst uit Spreuken (hoofdstuk 30, vers 2-4, zoek maar eens op).

Jakobs droom van Yanneke Wijngaarden

Ik vroeg of er een catalogus van haar werk verschenen was en die bleek er inderdaad te zijn (je kunt hem hier zien, samen met meer afbeeldingen van haar schilderijen). Toen we allang afscheid genomen hadden en ieder ons weegs door het museum gingen, schoot ze me even later nog eens aan: ‘Mag ik je een set van de kaarten met schilderijen geven?’ Een retorische vraag natuurlijk. Wie wil dat nou niet?

Ik vond het vreselijk leuk om haar tegen te komen. Als ik aan Anne Frank denk, denk ik altijd aan háár prachtige vertolking. Jip, of eigenlijk Yanneke, haar echte naam, woont in het buitenland, maar was een paar dagen in Nederland voor een televisieprogramma. Anne Frank zou vrijdag 80 jaar geworden zijn en de NPS zendt die dag een herdenking uit. Dus als je morgenavond om half negen naar Nederland 2 zit te kijken en je ziet Yanneke Wijngaarden, dan moet je maar denken: in het echt is ze ook heel leuk. En toeval bestaat niet.

new-heaven-and-new-eartch

Nieuwe hemel – nieuwe aarde, Jip Wijngaarden

Uitweiden

9 maart 2009

Een van de leukste dingen van thuisonderwijs vind ik het uitweiden. Dat je met een onderwerp bezig bent en vanzelf in het volgende rolt. Je legt verbanden die je eerder niet opgevallen waren, gaat op onderzoek uit en komt telkens op nieuwe dingen die met het voorgaande te maken hebben. Soms zijn die verbanden logisch, zoals het duikvoorbeeld waarover ik eerder geschreven heb: via een interesse voor de duiksport zoek je oceanen op, het leven in de zee, leer je over koraal, krijg je milieueducatie.

Soms zijn de verbanden minder vanzelfsprekend. Zo heeft het rekenboek van de kinderen meer dan eens uitgenodigd tot zo’n uitweiding. Ik schreef al eerder over de wiskundetaart die Philip maakte naar aanleiding van een som in zijn rekenboek. En nu vond ik een stukje dagboek van precies een jaar geleden dat goed weergeeft hoe we soms van het ene onderwerp in het andere terechtkomen.

Philip was aan het rekenen en ik zat bij hem aan tafel. In het wiskundeboek stond naast de som een plaatje van een chanoekia, zo’n kandelaar die tijdens het joodse chanoekafeest gebrand wordt. De wiskundemethode die we gebruiken komt uit Singapore en heeft, heel politiek correct, de chanoekia naast de kerstster afgebeeld, harmonieus geflankeerd door wat kinderen met een bindi, zo’n hindoeïstische stip op het voorhoofd. Voor elk wat wils. Tijdens de som raakten we aan de praat over verschillen in geloof. Philip herkende de kandelaar en vroeg wat er met Chanoeka precies gevierd wordt.

Susan Marcus, Ga zijn poorten binnenWe pakten er een boek bij met uitleg over joodse feesten en gebruiken, Ga zijn poorten binnen van Susan Marcus – een mooi boek overigens. Nadat we de uitleg over het feest hadden opgezocht, bladerden we verder. We kwamen langs zegeningen en gebeden die bij allerlei gelegenheden worden uitgesproken. Naast de Hebreeuwse tekst stond onder iedere zegen de fonetische spelling. Philip vroeg me of ik een aantal zegeningen wilde voorlezen. En nog eens. En nog eens en nog eens, want hij vond de klank van de woorden zo mooi (Jet kreeg er na zes keer een beetje een sik van).

Vervolgens wilde Philip een stukje Hebreeuwse tekst ontcijferen. Ik heb ooit twee jaar Theologie gestudeerd, dus er staan wat verjaarde taalboeken in de kast. We pakten de studieboeken en Philip spelde hardop het alefbet, het Hebreeuwse alfabet. Hij vertaalde woordjes uit mijn oude werkboeken en reciteerde vervolgens opnieuw de Hebreeuwse heilwensen.

We twijfelden of we latkes zouden bakken, de aardappelpannenkoekjes die bij Chanoeka gegeten worden, maar besloten dat tot een volgende keer te bewaren. Philip maakte zijn sommen af en ging spelen met Jet.

Zo grazen we vaker om onze taal- en rekenlesjes heen. Thuisonderwijs is geen rooster dat we op schooltijden afwerken, het vindt de hele dag door plaats. Het is de kunst, het genoegen, om erin mee te gaan. Natuurlijk gebeurt het niet iedere dag dat een reeks vermenigvuldigingen uitloopt op een gesprek over cultuurgeschiedenis, maar ik geniet er ontzettend van als het wel zo verloopt. Het is een groot voorrecht dat we de tijd kunnen nemen om die dingen te laten gebeuren.

Mocht je geen Hebreeuws woordenboek paraat hebben, dan kun je onderstaande links gebruiken voor een sfeerbeeld. Ik heb de site verder niet onderzocht, maar het was de beste die ik kon vinden wat betreft uitspraak en vertaling.

Hier de chanoekazegeningen die wij bekeken hebben. Halverwege de pagina zie je naast de Hebreeuwse tekst een luidsprekertje waarop je kunt klikken. Zo hoor je de juiste uitspraak (met een pietsie Amerikaans accent)  en kun je meelezen met de fonetische en vertaalde tekst eronder – van rechts naar links.

En hier staan alle zegeningen op een rij; de dagelijkse, die voor sjabbat, de joodse feestdagen en andere speciale gelegenheden, bijvoorbeeld bij ziekte of (is dat niet mooi) bij het zien van de regenboog.

Beluister in ieder geval deze even. Het is de zegen die ik jullie allemaal toewens.

Mazzel & broche

18 oktober 2008

Hebreeuws leesplankje

We moesten naar de tandarts. Die zit niet in onze eigen woonplaats, omdat het de tandarts uit mijn studententijd is, waar ik wegens verregaande tevredenheid aan ben blijven hangen. En omdat we tijdens de halfjaarlijkse controle dan toch in de stad zijn, maken we er meteen een dagje van. Soms gaan we naar het Rijks of Van Gogh, soms naar Artis of het Tropenmuseum, en nu gingen we naar het Joods Historisch Museum.

De kinderen waren er niet eerder geweest en ik ook al jaren niet. Het nieuwe kindergedeelte, het JHM Kindermuseum, ziet er prachtig uit. Zo mooi verzorgd en zo duidelijk, warm aanbevolen. Je komt er binnen bij de familie Hollander, een joods gezin dat sjabbat viert en koosjer kookt. Hun huis bestaat uit verschillende kamers waar verleden, heden en tradities van het joodse volk worden uitgelegd. Max de matze, een ongezuurd broodje met een broek aan, leidt je rond.

Philip en Jet hebben een vrij grondige kennis van het Oude Testament en dat maakt dit soort uitstapjes altijd wel aantrekkelijk: het is gewoon leuk om dingen tegen te komen die je herkent. En nieuwe informatie kun je meteen een beetje plaatsen.

In de woonkamer maakten we kennis met de gezinsleden Hollander, in de studeerkamer werd wat uitgelegd over Hebreeuwse les en er was ook een stukje klaagmuur dat vertelde over de geschiedenis van de joden in Amsterdam. In de keuken maakten we een challetje, een gevlochten sjabbatsbroodje. De organisatie is fantastisch; er is de hele dag een mevrouw aanwezig die uitleg geeft, broodjes bakt en het werkblad schoonmaakt voor de volgende bezoekers. Het deeg staat klaar. Het enige wat je hoeft te doen is vlechten, water kwasten, maanzaadjes strooien

Maanzaadjes strooien

en een koosjerstempel op het ouwelzegel zetten.

Koosjerzegel

Na tien minuten konden we smullen.

Challe eten

In alle kamers worden filmpjes vertoond met bijzonderheden over geloof en tradities; in de keuken ging het vanzelfsprekend over de verschillen tussen koosjer en treife (niet-koosjer) eten. Philip en Jet kennen een paar van de reinheidswetten; ze weten dat alleen dieren die herkauwen én gespleten hoeven hebben, koosjer zijn. Dus is een paard volgens de regels van het Oude Testament onrein omdat het geen gespleten hoeven heeft, en een varken omdat het -ondanks de juiste hoeven- niet herkauwt. Maar er was natuurlijk heel veel wat we niet wisten: Philip kwam vol verbazing vertellen dat rode smarties ook niet koosjer zijn, omdat de rode kleurstof gemaakt is van luizen; alle andere smarties mogen wel. 

In de muziekkamer zweepte Frank Groothof de bezoekers op om mee te spelen op trommel en ramshoorn,

Op de sjofar

mee te ratelen als de naam Haman werd uitgesproken, zoals op het Poerimfeest (naar aanleiding van het boek Ester) en zachtjes mee te spelen op de lier om mooie muziek te maken. Als je niet beter wist, zou je zeggen dat David hier aan het componeren is.

Met de lier

We brachten uiteraard ook een bezoek aan het museumcafé, want we hadden allemaal lekkere trek en ik wilde niet vertrekken zonder de smaak van een gemberbolus geproefd te hebben. Na het aangenaam verpozen wipten we nog even de Grote Synagoge binnen, die inmiddels als museum is ingericht en grenst aan het museumcafé. Ik gaf Philip en Jet de camera mee en vroeg hen om foto’s maken van de voorwerpen die zij het mooist vonden in de synagoge. Ze moesten ook zien uit te vinden wat het precies voor voorwerp was – dat kon je opzoeken op kaarten in bakken langs de wanden. 

Philip koos voor deze prachtige chanoekia (kandelaar), omdat hij zo mooi glom.

Bankchanoekia

En dit was Jettes keuze. Een torarol, omdat hij zo imponerend was en mooi op ooghoogte lag.

Torarol

En zilveren wijnbekers; net als de chanoekia vanwege de schittering. 

Zilveren bekers

Volgens Jet was dit de een-na-fijnste dag van haar leven. De fijnste was uiteraard toen ze haar eerste paardrijles kreeg. Maar deze was ook erg fijn. Want, zei ze, ze had ’s morgens haar allereerste fluorbehandeling en sealing gekregen (veel groter kun je niet worden, tandartstechnisch), én het was zo heerlijk in het museum, én ze ging voor het eerst van haar leven met de metro én ze mocht straks ook nog naar zwemles. ‘Jet’, zei ik, ‘je kan soms zomaar mazzel hebben.’ Daar moest ze vreselijk om lachen.

Elia

20 juni 2007

We zijn al een poosje bezig met Elia, en natuurlijk kwam ook zijn adembenemende hemelvaart aan bod. Ik vind het belangrijk om intertekstualiteit (in de ruimste opvatting) al vroeg te intoduceren en de bijbel biedt daar vanzelfsprekend uitgelezen mogelijkheden voor. Vaak zijn er andere, profane boeken waarnaar je kunt verwijzen, er zijn natuurlijk massa’s kunstwerken die je erbij kunt halen, en sóms is er ook muziek bij een bepaald thema. Bij Elia heb ik dat helemaal: als we het verhaal van de hemelvaart lezen, loop ik de hele dag Chi Coltrane te neuriën. En daar is natuurlijk maar één remedie voor: cd opzetten en heel hard meezingen. ‘I want to rise right up into the sky, and ride white horses with fiery eyes’. Toe maar even, luidsprekers aan en volume hoog:

En omdat Elia door de eeuwen heen een dankbaar onderwerp voor kunstenaars geweest is, zijn er veel schilderijen die we erbij kunnen bekijken. En daar valt veel over te vertellen. De Elia van Doré *)

Elia's hemelvaart door Doré

en die van Dalì

Behold a fiery chariot door Dalì, uit de Biblia Sacra

verschillen bijvoorbeeld aanzienlijk. Ik pak er vaak een aantal boeken bij, zodat je kunt zien dat Rubens beïnvloed was door de klassieken toen hij Elia in de woestijn schilderde, en dat hetzelfde onderwerp door de middeleeuwse Dirk Bouts er heel anders uitziet (hier is het hele drieluik zoals dat in de Sint-Pieterskerk in Leuven te zien is). Voor kinderen zijn middeleeuwse werken ook erg leuk, omdat er vaak verschillende delen van een verhaal in één werk gevat zijn. Bij de Elia van Dirk Bouts bijvoorbeeld, zie je op de voorgrond Elia nog in de woestijn liggen, terwijl hij rechts achter al de berg Horeb beklimt (voor wie het wil nalezen, staat het hier, in 1 Koningen 19; de hemelvaart van Elia kun je lezen in 2 Koningen 2).  

Heel uitgebreid en hoogdravend is het nu natuurlijk nog niet. Het gaat mij er vooral om dat de kinderen door goed te kijken de kunst leren waarderen, zich een eigen mening en smaak gaan vormen en dat ze zich bewust worden van de veranderingen in de loop van de tijd.

———————-

*) Hier zie je hem wat groter: klik

Terug