Spionnenboek

16 december 2010

Julian Assange zit nog in London, maar ik zet zijn werk ondergronds voort. Mijn eigen Wikileaks, zomaar voor u te grabbel: The World Factbook van de Amerikaanse geheime dienst. Ik heb zo mijn mensen om de boel draaiende te houden, buitengewoon betrouwbaar en consciëntieus (ik heb het Nationaal Dictee gisteren gemist, maar wil even laten zien dat ik heel goed kan spellen. Ik schat, zo voor de vuist weg, dat ik maximaal acht fouten gemaakt zou hebben).

Maar serieus: als je actuele informatie over een land wilt hebben (dat laat nogal eens te wensen over op internet) dan is dit een erg handige site. Een week na de installatie van ons nieuwe kabinet was The World Factbook al aangepast.

Rechtsboven kun je via Select a Country or Location met het rolmenuutje een van de 267 wereldentiteiten selecteren. Ik was dit nog niet eerder zo uitgebreid, overzichtelijk en actueel tegengekomen, vandaar: The World Factbook.

De lijst regeringslijst op de site is ook actueel en compleet; van alle landen de regeringsleiders én ministers met volledige naam. Staat hier.

Landen van de wereld

13 december 2010

Eigenlijk is topografie bij uitstek iets wat je leert door het toe te passen. Lezenderwijs, terwijl je op VOC-schepen naar Kaapstad, Réunion en Java reist, of met Jan Terlouw mee naar Pjotr in Rusland. En levenderwijs, tijdens autoritten met de kaart op schoot of als je naar het journaal kijkt.

Maar er zijn nog meer prettige manieren om het op te pikken. Sinds een week zijn we in het bezit van Landen van de wereld, in een blikken doos van mooiespellenfabrikant HABA. Toen de familie Bolleboos met haar vijf schatjes weer eens op bezoek was, brachten ze het mee om te proberen. Ik was niet meteen overtuigd, want het Jumbospel Tien voor topo hebben we na drie halfbakken pogingen heel ver achterin de spellenkast gezet wegens intense saaiheid. Maar deze bleek een instant-hit.

Zo groot was het succes, dat het op 5 december ook voor ons in de zak zat. En sindsdien wordt het dagelijks gespeeld. Vrijwillig.

De tijdspanne is prima: maximaal een kwartiertje, zodat je er gul nog eens een extra potje tegenaan kunt gooien. Zelf ben ik ondanks twaalf jaar aardrijkskundeonderwijs geen kei in topografie. Dat maakt me een bijna volwaardige tegenstander, wat de speelvreugde verhoogt (‘Mám, denk even na… Dat zijn de Filipijnen!’). 

Ik weet niet hoe lang het duurt voordat we alle landen, hoofdsteden en vlaggen uit ons hoofd kennen, maar ik denk dat het spel tegen die tijd zijn nut wel bewezen heeft.

Handig

  • Toporopa, een van de beste toposites die ik ken. Simpel, doeltreffend, overzichtelijk. Met extraatjes als monarchieën, veldslagen en het altijd lastige verschil tussen eurolanden en EU-landen die géén euro hanteren.
  • Topomania, voor alle overige landen en werelddelen, omdat Toporopa alleen Europa betreft. Fijn dat je het ook kunt gebruiken om te oefenen, niet alleen om te toetsen. Gemaakt door een handige vader.
  • Fairtoys, de winkel waar ik Landen van de wereld gekocht heb. Een aanrader: gratis verzending vanaf 30 euro en uitstekende service.
  • Als je liever ook topo uit een boekje leert, dan vind ik de topotrainers van Kinheim erg goed. Simpel, doeltreffend en nog een soort van leuk vanwege het nakijkvel met kleurtjes. Bij Kinheim hoef je niet per vijf stuks te bestellen, zoals veel onvriendelijke uitgevers eisen, maar kun je een pakket samenstellen van tien werkboekjes naar keuze. Een andere uitgever die thuisonderwijzers ter wille is door boekjes per stuk te verkopen is Bekius Schoolmaterialen, waarover ik hier al eerder schreef.

Leidse school

24 oktober 2010

Jette heeft momenteel het soort stem waarmee ze moeiteloos wordt aangenomen bij het damesdispuut van Minerva. Dat komt door een verkoudheid, maar het is ook toepasselijk, want sinds twee maanden gaan Philip en Jet naar de universiteit. Eigenlijk mag het de naam nauwelijks hebben, twee keer per maand een uurtje les, maar het klinkt goed: jeugduniversiteit. En met die stem erbij is het helemaal echt als Jet ’s ochtends vraagt: ‘Hoe laat heb ik college?’

Er zijn veel steden die een kinderuniversiteit aanbieden; Philip en Jet gaan naar Leiden. Ze krijgen les van een universitair docent of professor over uiteenlopende onderwerpen, van vlinders tot hoofdpijn. De colleges worden gegeven in vijf Leidse musea, die ieder een eigen reeks aanbieden. Philip en Jet nemen deel in Museum Boerhaave en Naturalis.

Sommige onderwerpen bereiden we voor. Bij het college over hoofdpijn moesten ze vragen inleveren, en voor de lezing ‘Geheimen van Escher’ lazen we het boek Tovenaar op papier van Bruno Ernst, uit de mooie serie kinderkunst van Waanders. Na afloop van het college legde Philip me nog eens uit hoe het zat met het droste-effect.    

Ze hebben er nog een paar te gaan, en het leukste college tot nu toe vonden ze unaniem dat van dr. Tinde van Andel, over de wonderlijke eigenschappen van planten.

Philip en Jet hadden alles onthouden – de hele terugreis buitelden ze over elkaar heen met hun verslagen. Over het Indische bloemriet canna indica met zijn ‘weglopershagel’ bijvoorbeeld. Daarmee konden gevluchte slaven in Suriname een echt plantengeweer maken. De zaadjes van het bloemriet zijn namelijk zo hard en rond als kogeltjes; je kunt ze met een holle stengel en wat gestolen buskruit afschieten op barbaarse slavenhouders.

De kinderen waren ook gefascineerd door het bijgeloof dat mensen al eeuwen hechten aan eigenschappen van sommige planten. Neem het kruidje-roer-mij-niet. Dat vouwt zijn blaadjes dicht en verschrompelt als je het aanraakt. Dus wat deden bijgelovige vrouwen? Die gebruikten het voor hun overspelige mannen. Als het kruidje in het bed van de echtgenoot werd gelegd, zou er nog meer verschrompelen, zodat er weinig overspeligs overbleef. 

Of het Surinaamse verstopkruid, dat mensen het idee geeft dat zij onzichtbaar zijn. Vroeger populair bij slaven, omdat het hun de moed gaf weg te lopen. Tegenwoordig is het geliefd onder bolletjesslikkers, die denken minder snel gezien te worden door de douane.

Ik luister en verbaas me, bewonder en geniet mee van hun verhalen. Ik zou dolgraag ieder college zelf bijwonen, maar dat mag niet. De jeugduniversiteit kent een strikte leeftijdsgrens: alleen voor kinderen van 8 tot en met 12 jaar. Dus zit ik samen met andere ouders op de gang te wachten, lees een boek of maak een ommetje door het museum. En eigenlijk vind ik dat ook niet erg. Eigenlijk is het geweldig om na afloop bijgepraat te worden door enthousiaste kinderen over dingen waar ik nog niks van wist.

 

Gesurft voor u: twee verse, mooie geschiedenislinks.

Klaagde ik onlangs nog over het gebrek aan schoolplaten, word ik nu zomaar op mijn wenken bediend. Over een kwartier ziet u het pas in het tienuurjournaal, maar nu al op vanallemarktenthuis:

De schoolplatensite van het Onderwijsmuseum

Je kunt zoeken op tijd, plaats of thema, waar mogelijk met bijschriften uit de oorspronkelijke handleidingen.

En een andere mooierd die vandaag gelanceerd werd:

Plaatsen van herinnering

Een project van het Nationaal Historisch Museum, waaraan ieder jaar vijftig plaatsen worden toegevoegd. Om eens te meer te laten zien dat geschiedenis overal om je heen is. Hier een introductie en uitleg over het project, met een lijst van de eerste vijvenveertig plaatsen. 

De gelijknamige heerlijke boekserie van Prometheus bestond al, maar het is nu dus ook virtueel. Zonder de mooie verhalen van Maritha Matthijssen, Herman Pleij en Frits van Oostrom, maar die moet je er nog maar eens bij lezen. Als je me niet gelooft, hier een recensie uit NRC.

Bètabronnen

18 september 2010


Naar aanleiding van ons bezoek aan de Newtontentoonstelling in Museum Boerhaave nog wat boeken en sites die we gebruiken voor de exacte vakken.

Zoals ik wel vaker verteld heb, maken we relatief weinig gebruik van echte schoolboeken. Niet omdat ik a priori iets tegen schoolboeken heb, maar omdat ze over het algemeen gemaakt zijn om leerstof in een beperkte tijd tot een toets of examen over te brengen. Dat is logisch voor een schoolboek, maar als het mogelijk is om met een geestdriftiger soort boeken dezelfde boodschap over te brengen, geschreven door mensen die met bevlogenheid hun enthousiasme voor een onderwerp willen overbrengen, dan maak ik daar liever gebruik van.

De enige schoolmethode die we gebruiken op het gebied van natuurwetenschappen, heet Topklassers.

Hier staat meer informatie over deze reeks, maar ik heb nu nog twee pagina’s van het natuurkundedeel gescand. Om het auteursrecht niet al te erg te schenden, heb ik geen volledige les gekopieerd, maar twee halve lessen. Zo krijg je toch een idee van het boek en de werkwijze. Hier staat les 2 en hier les 3 van Topklassers, Wetenschap deel 3: Natuurkunde.

Ook hebben we het stripboek gelezen dat gemaakt is naar aanleiding van NewtonMania: Newton in Nederland. Ik had het eerst Philip in handen geduwd, maar toen ik het later zelf inbladerde, kon ik me voorstellen dat het niet direct klikte. De tekeningen zijn aansprekend en het verhaal op zich is duidelijk, maar de tekst is voor mijn kinderen gewoon nog te ingewikkeld, met verwijzingen naar Spinoza en de politieke situatie in de 17e eeuw. Daarom heb ik het voorgelezen.

De strip gaat over Willem Jacob ’s Gravesande, de man die Newtons werk vertaalde en zijn wetten populariseerde in Nederland. Onze audiotour in het Boerhaavemuseum ging juist over het slingertoestel van ’s Gravesande, waarmee hij studenten de wetten van Newton demonstreerde, dat was een leukigheidje. Dit zijn de eerste twee pagina’s van het boek, zodat je een indruk kunt krijgen van de tekst.

Het voorlezen werkte goed, want zo kon ik uitleggen waarom sommige grapjes erin zaten en de kinderen verwijzen naar dingen die ze al wel weten over de Gouden Eeuw. Daarmee was het zelfs voor Jet goed te begrijpen en konden ze erg lachen om de slapstick in de tekeningen.

Ach en dan deze, die is gaaf! De junior bètacanon: vijf cd’s vol kindercolleges. Een mastodontje van uitgeverij Luisterwijs, waar je nog veel meer van dit soort cd’s kunt vinden.

Alle onderwerpen in de cd-box worden als nieuwsitems aangekondigd door razende reporter Frank Groothof – al een plezier op zich. Na de inleiding volgt het hoorcollege, variërend van Pavlovreacties, algoritmen, het cijfer 0 tot de ziekte beriberi, 350 minuten lang. Fantastisch. Dit is een stukje over de Hollandse waterwerken.

Hier ook een recensie uit het Reformatorisch Dagblad, met rechtsboven nog een luisterfragment van 7 minuten.

Verder heeft Philip een aantal filmpjes van Eureka! bekeken. De tekenfilmserie werd in de jaren tachtig uitgezonden in Canada, maar ik vind hem nog steeds geweldig. Op een simpele manier wordt een aantal natuurwetten uitgelegd. Het is in het Engels, maar als je de termen vertaalt (inertia is traagheid, mass is massa enzovoorts), dan is de rest van het filmpje niet zo ingewikkeld.

Hier staat deel twee van Eureka! Vanaf daar kun je rechts in de kantlijn alle episodes aanklikken.

In de bibliotheek vond ik de prachtige dvd Dat willen wij ook, ooit uitgezonden door VPRO’s Noorderlicht. Acht filmpjes van een kwartier die ieder een natuurwonder laten zien waar wij mensen van proberen te leren. De sterke draad van een spin die we willen namaken, het ongeorganiseerde functioneren van mieren in een mierenhoop, dat door robots geïmiteerd zou kunnen worden, zodat gevaarlijke klussen voortaan niet meer door mensen gedaan hoeven worden.

Ik weet niet of de dvd nog te koop is, maar je kunt het ook bekijken op youtube (hier) of bij uitzending gemist van Noorderlicht: hier.

Ten slotte nog goed nieuws voor de groteren onder ons. In NRC stond van de week dat steeds meer universiteiten gratis lesmateriaal online zetten. In andere landen is het aanbod al enorm, maar Nederland begint ook te komen. Dit zijn de gratis colleges van de Open Universiteit, hier staan lessen van de TU Delft voor kinderen in het voortgezet onderwijs en hier staat OpenCourseWare, dat is het volwassenenaanbod van de TU Delft. De structuur van de Delftse website is soms niet helemaal duidelijk, maar als je blijft doorklikken, vooral links in de kantlijn, kom je vanzelf op videocolleges en lesmateriaal in pdf-formaat.

Lekker luisteren

25 juli 2010

Om jullie te verlossen uit de ondraaglijke leegheid van de vakantiedagen en voor collega Josh, die voorlopig aangewezen is op luisteren in plaats van lezen, hieronder een rijtje links naar gratis luisterboeken, hoorspelen en verhalende podcasts.

Ik beperk me tot gratis, Nederlandstalig en downloadbaar; voornamelijk voor volwassenen, maar er zitten ook wat kinderdingen bij.

  • Radioboeken, verhalen van 25 à 30 minuten, speciaal gemaakt voor de radio, door (bekende) Nederlandse en Vlaamse schrijvers: Enquist, Thomèse, Bernlef, Van Dis, Hemmerechts en vele anderen. Ook een piepklein hoekje kinderverhalen van onder anderen Joke van Leeuwen en Floortje Zwigtman.
  • Hoorspelen verzameld door Jaap van Lelieveld. Ont-zet-tend veel. Klik vooral even door, want er staan sprookjes van Oscar Wilde, het onvolprezen Oinkbeest (bent u al lid van zijn Facebookpagina?), de poep- en kaksprookjes van Reve, Griekse mythologie, Dickens, T.S. Eliot, Agatha Christie en veel, veel meer.
  • Zes Kronkels van Carmiggelt.
  • Audiotours van het Rijksmuseum. Voor in het museum of thuis met Jansons dikke History of Art op schoot.
  • LibriVox, vrijwilligers hebben boeken ingesproken waar geen auteursrecht meer op rust: Louisa May Alcott, Jules Verne, C.J. Kieviets Fulco de minstreel en Dik Trom, Potgieters Jan, Jannetje en hun jongste kind Jan Salie. Dat werk.
  • Books Should Be Free, nogal een snerttitel (is er ook een zustersite met Food Should Be Free of Housing Should Be Free?), wel overzichtelijk. Veel overlap met LibriVox.
  • Heer Ollie B. Bommel en Tom Poes (volume laag, er begint direct een ensemble koperblazers als je op de site arriveert). Hier de rechtstreekse link naar downloadversies van alle afleveringen.
  • De downloadbijbel. Van Genesis 1:1 door Koningin Beatrix tot Openbaringen 22:21 door Sijbolt Noorda, voorzitter VSNU. Want het geloof is uit het gehoor.
  • Alle afleveringen van Citroentje met suiker, voor wie Frits Lambrechts de laatste tijd wat te weinig gehoord heeft.
  • Boekhandel Luisterrijk heeft hier een sectie gratis hoorcolleges van onder anderen Maarten van Rossem en Herman Philipse.

Een aanwijzing voor wie niet eerder mp3’s gedownload heeft: ga op het bestand staan, klik met je rechtermuisknop en kies voor ‘Doel opslaan als…’ of ‘Save target as…’.

Heb je meer goeie tips?

Via Wie, wat & contact bovenaan de pagina kun je me mailen. Dan zet ik ze bij het lijstje, met bronvermelding uiteraard – ere wie ere toekomt. Het gaat dus om Nederlandstalig, gratis en je moet ze kunnen downloaden. Engelstalig, betaald, via stream of uit de bibliotheek is ook mooi, maar dat wordt voor deze post te onoverzichtelijk.

Natuurdagboek

23 juli 2010

Vorige maand stuurde een medethuisonderwijzer een link door en schreef erbij: ‘Hiervan heb ik in zes maanden meer geleerd van de Nederlandse vogelwereld dan in heel de voorgaande 46 jaar van mijn leven.’

Dat leek me wel wat. Je reinste ornitholoog zal ik niet worden, maar een mens kan altijd streven. Ik meldde me aan en zag roeken, ijsvogeltjes en lepelaars voorbijkomen. Hartstikke mooi en altijd met een paar bijzondere weetjes erbij.

Vandaag deze vos. Ik tease even met een stukje uit de nieuwsbrief, dan moeten jullie daarna doorklikken.

In de Amsterdamse Waterleidingduinen kruiste gisteren een vos mijn pad. ‘Kruisen’ is eigenlijk niet het goede woord: hij kwam eraan lopen, zag mij al vanaf pakweg honderd meter en bleef desondanks gewoon zijn weg over het verharde pad vervolgen, stak over en liep op een meter of twee, drie rustig langs me heen. Niet schuw, wel attent.

Het Vogeldagboek wordt gemaakt door natuurfotograaf Adri de Groot en verschijnt ongeveer drie keer per week. Behalve vogels schiet hij dus ook andere dieren, bloemetjes en plantjes. Hier kun je vorige dagboekfragmenten bekijken en via deze link kun je je opgeven voor een regelmatig shotje natuur in de inbox.