Panorama

11 november 2011

Is het een onontdekte planeet?

Is het een steenoven?

Is het de rijzende zon?

Alledrie een beetje. Het is mijn uitzicht als ik naar beneden kijk. Ik heb nog wel voeten, hoor. Dat weet ik, want als ik voorover hel, kan ik er een stukje van zien.  

Het is vreemd, zo’n veranderend lichaam. Net nu ik er een beetje aan begin te wennen, ga ik er bijna weer afstand van doen. Het is ook opmerkelijk hoe openhartig mensen worden over je uiterlijk, als je in verwachting bent. Van wildvreemden tot dierbaren, in alle jovialiteit vertellen ze wat ze van je vinden. Dat varieert van het milde: ‘Zo, dat is een bescheiden buikje’ door de mevrouw van het bloedprikken tot: ‘Krijg je een drieling?’ in de rij bij de Hema.

Als kers op de taart sprak mijn tachtigjarige buurvrouw me laatst aan: ‘Gelukkig zie je er nou wat beter uit. Vorige week maakte ik me wel zorgen, hoor. Je haar zat raar en je gezicht was zo wit. Gewoon eng om te zien.’ Het was bedoeld als compliment, maar er hebben mensen voor minder hun heup gebroken.

Wat velen zich niet realiseren, is dat de zwangere vrouw van binnen minstens zo’n metamorfose ondergaat als van buiten. Alsof je tegen een tikkende tijdbom praat, als het ware. Op het moment dat ie afgaat, weet je niet precies welke kant de granaatsplinters op zullen schieten. Dat kan een aanval van schoonmaakrazernij zijn. Een enorme huilbui met flink veel snot. Een woedeuitbarsting. De verloskundige vertelde me dat zij een zwangere op het spreekuur had gehad die expres met haar auto tegen een paaltje was gereden, gewoon omdat ze boos was. Ik knikte begripvol.

En na de bevalling is het weer over. Bij mij tenminste. Dan verandert de furie in een lammetje, in een bel van zachtheid die verdraagzaam neuzen afveegt en eindeloos liedjes zingt en buikjes masseert om groot verdriet in kleine lijfjes te stillen. Tot die tijd wil ik graag nog even lief aangesproken worden.

Uit naastenliefde

10 november 2011

Gisteren in de Volkskrant:

Telkens als het onderwerp in het nieuws is en iedereen op radio en televisie het werkwoord ‘euthanaseren’ in de meest prachtige vervoegingen gebruikt, moet ik denken aan Van Kooten en De Bie. ‘En dan nog meneer Van der Kamp. Daar heb ik dus ook de euthanasie mee bedreven.’

Meer Star wArts

2 augustus 2011

Het is altijd mooi als twee mensen elkaar gevonden hebben. Zo kregen wij eens een uitnodiging waarin het aanstaande bruidspaar memoreerde: ‘Ajax bracht ons bij elkaar / En nu vormen wij een paar.’ Dan moet u het meer op de tribune zoeken dan op het veld.

Er zijn ook mensen die elkaar in Star Wars vinden. Ik hoop dat Philip tegen die tijd over zijn grootste fascinatie heen is (ik heb er alle vertrouwen in, we lijken het hoogtepunt inmiddels gehad te hebben), maar het is wel knap gemaakt, deze marsepeinen bruidstaart.

Hier meer Star Warstaarten

Van mijn mediadealer Joke kreeg ik deze nog toegespeeld: ‘Hoe Stormtroopers hun vrije dag doorbrengen’.

Nou, net als velen van ons.

Beetje kletsen.

Beetje duiven voeren.

Beetje jennen.

Beetje grenzen verkennen.

Beetje hatemail versturen.

En hier staat nog veel meer.

Overigens gaat ook het leven van een trooper niet altijd over rozen.

(Mocht je je kinderen alleen naar die site met taarten en stormtroopers laten kijken: onderaan staan veel ‘popular links’ met thumbnails naar gezellige dames in diverse vormen van ondergoed.) (Geen step-ins.)

 

Mark Hamill

31 juli 2011

Beter bekend als Luke Skywalker. Dat was ‘em dus.

Maar met die baard had het net zo goed Kiefer Sutherland, Robert Redford, Hugh Laurie, Ewan McGregor (als Obi Wan Kenobi), Leonardo DiCaprioSaddam Hoessein en misschien ook Prins Willem Alexander met five o’clock shadow kunnen zijn. 

Ik vind dat zijn ogen tijdloos zijn gebleven. Op deze foto

zie je dat niet zo. Daar lijkt hij meer op Gerard Joling zoals je je die over tien jaar en twintig kilo kunt voorstellen.

Maar hier zie je het goed, vind ik.

Mark Hamill speelde Luke Skywalker in de delen IV, V en VI van Star Wars. Omdat Skywalker in de overige delen niet voorkomt, was Hamills faam eind jaren ’90, toen de tweede Star Warshausse begon, een beetje voorbij. De rest van zijn carrière heeft hij voornamelijk doorgebracht met het inspreken van stemmetjes voor animatieseries, van Avatar tot Batman en zo’n beetje de rest van het Nickelodeon-alfabet. 

Hamills zoon Nathan, geboren in 1979 toen Episode V gemaakt werd, heeft nog wel een klein rolletje als Naboo paleiswacht gehad in Star Wars: The Phantom Menace, die in 1999 uitkwam.

Zelf had ik tot voor vijf jaar geleden nauwelijks van Star Wars gehoord. Ik kende alleen plaatjes van Yoda (dwerg met puntoren), Chewbacca (hondbeer), Darth Vader en Dr. Spock – maar die laatste bleek van Star Trek te zijn.

Toen Philip de films ontdekte, besloot ik mee te kijken om te begrijpen waarom hij er zo weg van was. En tegen mijn verwachting in vond ik het echt een goed verhaal. Een ware kenner zal ik niet worden, maar we hebben ons best gedaan hebben om de passie te voeden. May the Force be with you.

—-

Wie is het?

30 juli 2011

Er zijn mensen die in 35 jaar niets veranderen. Neem Bryan Ferry.


Ik vermoed ook dat hij hier in hetzelfde pak met overhemd staat te zingen als destijds in 1976:

Maar de meeste mensen worden na verloop van tijd toch gewoon zichtbaar ouder. We gaan weer gezellig ouderwets raadselen. Vorige keer hadden we Sinéad.

Wie is de mystery man van dit weekend?

Nu heeft Google een leuke nieuwe tool waarmee je afbeeldingen kunt opzoeken. Omdat ik er geen wedstrijd internetzoeken van wilde maken, heb ik de foto een piepklein beetje bewerkt. Over het algemeen verschijnt mystery man dus niet in het openbaar met een geornamenteerde lijst en een rode bloem naast het oor. 

Wat ik wel kan zeggen is: kijk naar de ogen. En het kernwoord is: film.

Mensen, er is een winnaar. Goed kijken, want de naam is zo voorbij en het is nog steeds gemaakt met mijn trouwe camera zonder geluid.

Gefeliciteerd winnaar! Mail me even je adres, dan komt de geïncubeerde moestuin naar je toe.

P. S. Jet en Cato zijn ook in te huren als juich – of klaagvrouw bij trouwerijen en begrafenissen.

Hoehoe

24 mei 2011

Ik leef nog, hoor. Het zal u misschien verbazen, maar ik kan niet zeggen dat de vaart er lekker in zat qua bloggen, de afgelopen weken. In het -op de kop af- vierjarig bestaan van mijn digitale vingerafdruk is een dergelijke pauze niet eerder voorgekomen. En het was ook geen vooropgezet plan. Maar soms gebeuren die dingen.

Dat wil natuurlijk niet zeggen dat het léven niet doorgegaan is. Er waren de gewone, dagelijkse dingen. De routineklussen, het schrijven en rekenen.

Er is wat afgelezen.

En afgebakken. Want Philip en Jet hebben zich de laatste maanden op de keuken gestort. Jet wil vooral leren koken: risotto (ook al lust ze dat niet), salades (daar is ze dan weer dol op), chili’s, aardappeltjes, exotische groentegerechten als Indische sajoerboontjes, noem maar op.

Philip is meer van de pattiserie: koekjes, cakes, pannenkoeken, wentelteefjes. We hebben de afgelopen weken Topchef, de jonge professionals gevolgd, dus het jargon zit er lekker in. Om extra cachet te geven roepen John en ik af en toe: ‘Mooie compositie! Goed getampeerd!’ en natuurlijk aansporingen als ‘Ik mis een zuurtje! Of nee… toch een zoetje!’ waarop de kinderen dan braaf antwoorden met ‘Goed chef, bon chef.’

Niet alleen de kinderen hebben gebakken, ook ikzelf heb de fameuze limoentaart, scones en worteltjestaart een paar keer van stal mogen halen. Want er waren er twee jarig, hoera, hoera.

Jet werd negen. Naast een avondjurk en andere damescadeaus wilde ze graag naar de nagelstudio. Ik kan u zeggen: dat is een belevenis.

Zelf had ik nooit een nagelstudio van binnen gezien, maar Jet voelde zich er meteen thuis. Het was dan ook een mevrouw die negenjarige meisjes begreep. ‘Je wilt zeker French manicure?’ vroeg zij retorisch. Jet wist niet wat dat was, maar toen de mevrouw het parafraseerde als lichtroze-met-een-wit-randje, knikte Jet enthousiast. Zo worden leemtes in de opvoeding vanzelf gevuld.

Het resultaat was verbluffend. Nou is Jet al prachtig, maar met een frens mennekjoer en een bloemetje op je nagel ben je echt áf.

Hoewel het háár verjaarscadeau was, vond Jet het toch goed dat Cato ook mocht. En de styliste nam haar werk serieus: ook bij een vierjarige worden de nagelriemen losgeduwd en de nagels gevijld. Ik was blij dat er aan het eind van de behandeling meer dan alleen een pols overgebleven was. Als u goed kijkt, ziet u nog net Cato’s hand onder de polijstvijl verdwijnen.

Terwijl ik mijn eigen handen angstvallig in mijn zakken hield (zo’n moestuin is niet bevorderlijk voor damesnagels), werd Cato voorzien van piepkleine roze nageltjes met een nog piepkleiner wit randje.

En dan werd er nog iemand twaalf.

Hij had er lang over nagedacht, maar wist het nu zeker: hij ging sparen voor een Wii. Familieleden waren allang blij dat ze niet over twaalfjarigejongenscadeaus hoefden na te denken, dus er werd kwistig met enveloppen gestrooid en aan het einde van de dag had Philip zijn Wii bij elkaar. Aanvankelijk dacht hij aan een nieuwe, totdat hij op Marktplaats keek. Daar werden binnen een straal van vijf kilometer 37 Wii’s aangeboden, met accessoires en spellen, voor een vijfde van de nieuwprijs. Binnen twee dagen stond er een complete uitrusting met spellen, controllers en een balance board in huis. Thans beraadt hij zich op een nieuw spaardoel voor al het overgebleven verjaardagsgeld.

En dan waren er nog de uitjes. Sommige zal ik later apart posten, maar ik wil alvast melden dat we, naast de nagelstudio, nog een hiaat in de opvoeding hebben kunnen wegnemen. De kinderen zijn voor het eerst van hun leven naar een kermis geweest.

Het was voor mijzelf ook al pakweg vijfentwintig jaar geleden, een jubileum dat niet vaak gevierd wordt. Dat leek me nu eens tijd worden.

Philip bleek beresterk bij de Kop van jut (het blijft verleidelijk om de beginletters om te wisselen).

Natuurlijk gingen we met z’n vijven in het reuzenrad.

En geen kermis is compleet zonder lunapark. Met dansende bruggen, wiebeltrap en lopende band. Philip vond dit bijna de leukste attractie.

Maar het gaafst vonden ze de luchtbellen op het water.

En al die tijd is er natuurlijk ook de moestuin die aandacht nodig heeft.

De tuinbonen, doperwten, kapucijners, bietjes, sla, wortels, snijbiet (fantastisch, wat een heerlijke groente), de tomaten, aardbeien, komkommer, courgette, radijs, snijbonen en paksoi. Denkt u soms dat dat vanzelf groeit? Neen mijnheer, daar zit heel wat werk in. Als Petâh Timofeeff bij zijn weersvoorspellingen de boeren toespreekt die te lijden hebben onder de droogte, dan knik ik gelaten mee. I’ve been there. Maar de eerste oogst is binnen! En als het even meezit, is er nog een zomer van overvloed in het verschiet.

Ach, dat zou ik bijna nog vergeten!  Houd je duim en wijsvinger eens acht centimeter van elkaar. Of wacht, dat is makkelijker als je iets vertrouwds als ijkpunt neemt: acht centimeter is ongeveer de grootte van twee champagnekurken op elkaar.

Gelukt?

Houd dan nu je gespreide duim en wijsvinger voor je buik, zo’n zeven centimeter onder je navel.

Ben je er?

Ongeveer op die plaats is er iets aan het groeien in mijn buik. Helemaal vormeloos is het niet meer, maar het duurt nog even voordat het echt af is, zo tot half november. Toch kun je al zien dat het geen zeepaardje is, en ook geen kalfje of olifantje. Ik heb het al zien zwaaien.

Herinner je je nog dat ik bedlegerig was? Toen de moeheid langer dan drie weken aanhield, vermoedde ik dat het misschien ernstig was. Acute leukemie of zo. Maar toen ik ook misselijk werd, begon me iets te dagen.

Achteraf gezien waren er meer indicaties, hoor. Zoals die keer dat ik coûte que coûte om tien voor negen ’s avonds naar de supermarkt wilde om tomaten en karnemelkse gortepap te halen, omdat ik anders nooit zou kunnen slapen. Of die zaterdag toen ik drie uur lang op handen en knieën het tapijt schoonmaakte met een afwasborstel en aangelengde schoonmaakazijn, omdat ik me realiseerde dat dat al veel te lang niet gebeurd was. Dat zijn zo van die dingen, die heb ik anders niet gauw.

Kortom: we krijgen weer een baby!