Singapore Math – veelgestelde vragen

15 november 2012


De laatste tijd krijg ik veel vragen over de rekenmethode van mijn kinderen. Dat komt waarschijnlijk omdat ‘onze’ rekenboeken, My Pals Are Here! van Singapore Math, sinds kort in het Nederlands vertaald zijn.

In het land der blinden is Eenoog koning: er zijn weinig mensen in Nederland die thuisonderwijs geven en nog minder die Singapore Math gebruiken. Welnu, hier spreekt Eenoog.

‘Je schreef in 2007 dat jullie Singapore Math gebruikten. Doen jullie dat nog steeds en bevalt het?’

Ja, we gebruiken Singapore Math nog steeds en naar volle tevredenheid. Philip (13) doet inmiddels Singapore Math voor het voortgezet onderwijs: New Syllabus Mathematics.

‘Waarom heb je voor Singapore Math gekozen?’

Toen ik een rekenmethode zocht, heb ik eerst vijf Nederlandse bekeken: Pluspunt, Wis en reken, De wereld in getallen en nog twee. Daar was ik niet over te spreken. Het Nederlandse rekenonderwijs zwalkt al jaren van old skool naar realistisch rekenen en terug. De vriendjes en vriendinnetjes van mijn kinderen kregen op school geen staartdelingen of breuken, maar moesten ‘schattend’ rekenen. Als ik hen vroeg 1356:12 op te lossen, dan hadden ze twee vellen papier nodig om al schattend tot een uitkomst te komen. Dat wilde ik niet voor mijn kinderen. Ik was geen thuisonderwijs gaan geven vanwege slecht rekenonderwijs, maar nu ik toch thuisonderwijs gaf, wilde ik ook meteen goed lesgeven. Hoe ik van de zoektocht in Nederlandse methodes bij Singapore Math ben terechtgekomen, heb ik hier al eens beschreven.

‘Is de taal geen probleem? De boeken zijn in het Engels.’

Daar zag ik eerst ook een beetje tegenop, maar dat is reuze meegevallen. De methode is geschreven voor Singaporese kinderen van wie Engels meestal niet de thuistaal is. Daarom is het taalgebruik eenvoudig.

Totdat mijn kinderen het zelf kunnen lezen, vertaal ik. Ik zit gewoon naast hen, we praten over de sommen en ik luister hoe zij tot een antwoord komen. Bijkomend voordeel is dat ze op deze manier een extra taal leren. Door iedere dag wiskunde te doen, leren ze meteen Engels.

Het kost natuurlijk meer tijd dan ze in hun eentje aan een rekenboek te zetten. Dat vind ik soms weleens lastig met meerdere kinderen; het is makkelijker om gewoon een boek onder hun neus te schuiven. Maar achteraf gezien ben ik er blij om. Een-op-een-aandacht is gezellig en effectief. Bovendien blijf je precies op de hoogte van de vorderingen. En, niet onbelangrijk, je leert de methode met hen mee.

‘Wat is het onderscheidende in Singapore Math? Wat maakt het zo goed?’

Om te beginnen laat ik een meester zelf aan het woord, dr. Yeap Ban Har. Hij is een van de makers van Singapore Mathmethodes. In een Nederlands interview (hier) zegt hij dat het vooral de concrete aanpak is die de methode zo succesvol maak:

‘Bij Singapore rekenen gaat het om de ervaring en het zelf doen. We noemen dat ‘de concrete-pictorial-abstract methode’.

Als kinderen bijvoorbeeld 12:4 leren, krijgen ze eerst twaalf concrete voorwerpen, zoals muntstukken, die ze moeten verdelen in vier groepen. Elk kind kan dat. In de volgende fase werken ze met twaalf plaatjes in plaats van echte objecten en pas daarna maken ze de som met alleen abstracte symbolen, met cijfers. Elke fase is nodig om een volgende te kunnen begrijpen: eerst voorwerpen (concrete), dan illustraties (pictorial) en dan pas de cijfers (abstract).

Oplossingsgericht werken en gebruikmaken van objecten en illustraties bij leren is niet nieuw. Al jaren zijn er wetenschappers die verkondigen dat deze manier van leren effectief is. Wat ook niet nieuw is, is de manier waarop wij verdieping aanbrengen in de stof. Waarop we liever één probleem een paar keer oplossen dan dat we allerlei verschillende problemen oplossen. Wat wel nieuw is, is dat we al deze zaken hebben gecombineerd in ons onderwijs.’

Bron: onderwijsmaakjesamen.nl

Voor mij persoonlijk zit de grootste troef in de ‘bar diagrams’. Niet in de letterlijke vertaling van staafdiagram, maar als manier om verhaaltjessommen uit te rekenen. Zo leren kinderen al op jonge leeftijd sommen op te lossen die je normaal door middel van algebra berekent. Het begint heel simpel en later worden het ingewikkelde sommen die ze telkens op dezelfde simpele manier kunnen uitrekenen. Neem het volgende vraagstuk:

‘Philip heeft vier keer zoveel liedjes op zijn iPod als Jette. Samen hebben Philip en Jet 105 liedjes. Hoeveel liedjes heeft Philip op zijn iPod?’

Als je niet beter wist, zou je hier een vergelijking van maken. Met Singapore Math rekenen kinderen van 9 jaar dit anders uit.

Het is het meest typerende van de Singapore methode en ik ben er erg van gecharmeerd. Onwijs leuk om te zien hoe je kinderen ingewikkelde sommen snel en enthousiast oplossen. Ik wou dat ik het op de lagere school zo geleerd had.

Omdat dit zo specifiek is voor Singapore, wordt het door de hele methode heen opgebouwd. Ik kan me voorstellen dat het daarom lastig is om zomaar halverwege de leergang over te schakelen van een andere rekenmethode op Singapore Math. Dan mis je een didactiek die al jaren aan de gang is. Persoonlijk zou ik bij een overstap in ieder geval beginnen bij grade 2 (groep 4), ook als je kind eigenlijk al in een hogere groep zit. Dan zoeven ze wat sneller door de boeken, maar krijgen zij (en jij) de bar diagrams en bijzondere didactiek goed mee.

‘Overal staat dat Singapore Math alleen effect heeft als de leraar de methode goed begrijpt. Docententrainingen zouden noodzakelijk zijn. Vind jij dat ook?’

Je moet de methode inderdaad goed begrijpen, maar daar heb je als thuisonderwijzer naar mijn mening geen training voor nodig. Thuisonderwijzers hebben het grote voordeel dat zij met hun kind meeleren. De lerarentraining van Yeap Ban Har in Nederland beslaat enkele uren tot maximaal 3 dagen. Zelf zegt hij in bovenstaand interview:

‘Het gaat in de training vooral om de mensen te laten ervaren hoe Singapore rekenen werkt. Geen theorieën maar gewoon rekensommen maken. Zo merken ze meteen hoe effectief de methode is en kunnen ze de les die ze gedaan hebben in hun eigen klas geven. Wat ik mijn cursisten daarbij altijd adviseer is: lees het boek. Je leert het beste door alle opgaven in het boek zelf te maken.’

Bron: onderwijsmaakjesamen.nl

Zo is het maar net. Onderwijzende ouders doen precies dát. Als leerkracht met een groep van 30 kinderen kun je niet bladzij voor bladzij naast ieder kind zitten, het is logisch dat je dan via een training de methode in de vingers moet krijgen. Maar als privéjuf zit je een halfuurtje per les bij je kind en leer je vanzelf mee. Ik vond het fantastisch om de methode te zien ontvouwen.

Toch is dit wel een puntje van aandacht als beide ouders bij wiskunde helpen. Toen John de rekenles een keer overnam, mondde dat uit in een masterclass algebraïsche vergelijkingen. ‘Zo moet het niet’, had een tienjarig Philipje gezegd. Ik bedacht later pas dat John de blokjesmethode natuurlijk niet kende. Daar moet je even rekening mee houden.

‘Singapore voert al twintig jaar internationale rekentests aan. Komt dat niet omdat kinderen in Singapore veel meer tijd besteden aan rekenen?’

Het is te gemakkelijk om het succes van de methode daarop af te schuiven. Volgens Ban Har krijgen Singporese kinderen vijf uur rekenen per week. Dat is misschien wat meer dan in Nederland, maar niet absurd veel meer. Er zijn ongetwijfeld kinderen die ook nog uren naschoolse stamplessen krijgen, maar daar zijn de resultaten niet op gebaseerd. Bovendien blijkt uit de Nederlandse proef dat kinderen het ook hier beter deden. Tijdens gewone Nederlandse schooluren zonder drillscenario’s.

In iedere klas in ieder land ziten bolleboosjes en kinderen die het rekenen niet zo makkelijk afgaat. Wat Singapore rekenen zo bijzonder maakt, is dat iedereen beter presteert, ook de middenmoot en de ploeteraartjes. Dat is voor mij overigens geen doorslaggevend motief geweest. Ik zocht een beproefde, gedegen methode die ook nog enthousiasme kon opwekken. We hebben mazzel gehad dat het bij ons werkte.

‘Sommigen zeggen dat Singapore Math te weinig automatiseert, dat je veel aanvullend materiaal nodig hebt. Wat is jouw ervaring?’

De methode kent inderdaad geen oeverloze herhaling. Dat was voor mij een pre. Mijn kinderen zijn niet bijzonder begaafd, maar de eindeloze pagina’s die ik in Nederlandse methodes zag, vond ik overbodig. Ik wilde liever aanvullend materiaal geven als dat nodig was, dan de kinderen bij voorbaat aan een soort bezigheidstherapie te onderwerpen. Er was eigenlijk maar één onderdeel waarbij mijn kinderen meer oefening nodig hadden: de tafels van vermenigvuldiging. Dat deden we dan in de auto, aan tafel of wandelend naar de balletschool. Zo doen we ook wel spellingsoefeningen. Of ik liet ze wat tafels maken op een van de vijftienduizend tafeltrainersites op internet.

Leveranciers willen uiteraard hun waren slijten. Daar ben ik aanvankelijk wel voor gevallen; dan kocht ik aanvullende boeken als Challenging Practices, IQ Math en meer van dat soort veelbelovende titels. Maar we hebben ze nooit gebruikt. Het bleek bij Philip en Jet niet nodig. Wie weet komen ze nog van pas bij Cato of Victoria.

Wat wél handig is, is een set klikbare rekenblokjes. Ze bestaan onder verschillende namen: base ten blocks, rekenstaafjes, rekenkubussen. Je kunt ze bijvoorbeeld vinden bij Educratief, daar heten ze ‘MAB-materiaal’.

Verder doe ik aan variatie. Zo nu en dan geef ik de kinderen een paar maanden ander wiskundemateriaal. Voor de jeu, maar ook omdat ik het belangrijk vind dat ze verschillende vraagstellingen leren oefenen. Dan komen ze niet voor verrassingen te staan als ze eens een examen doen dat niet op Singapore Math geënt is. Dat is dan in plaats van Singapore Math, niet ernaast. In de loop der jaren hebben we afgewisseld met onder meer:


‘Is er iets wat je minder goed vindt aan de methode?’

Nee eigenlijk. Ik kan alleen maar enthousiast zijn over Singapore Math. Het is altijd een gok als je aan een echte methode begint en bij ons heeft het goed uitgepakt. Ik weet dat sommige mensen de plaatjes vinden afleiden van de som, maar voor mijn kinderen had dat juist een meerwaarde. Ik vond het ook altijd leuk als er uitgeweid werd, als we van het een in het ander rolden. Voor mij is dat een van de leuke kanten van thuisonderwijs. Zoals toen Philip werd geïnspireerd tot taartenbakken na zijn rekenles.

Het enige nadeel vind ik de prijs. Ik bestelde mijn boeken in Singapore zelf en dat is duurder dan Nederlandse methodes die je soms tweedehands op de kop kunt tikken. Nu My Pals are Here! in het Nederlands vertaald is, zou ook dat nadeel wegvallen.

—–

<span>%d</span> bloggers liken dit: