Papier scheppen

8 juni 2011

De meeste projecten ontvouwen zich vanzelf bij de kinderen. Zoals dat koken en bakken van de laatste tijd, of een geschiedenisperiode die opeens in trek is (Romeinen, Renaissance, negentiende eeuw, Tweede Wereldoorlog; in willekeurige volgorde), vlinders en kikkers die komen en gaan, een boek dat wekenlang de gemoederen bezighoudt of een baby die zich aandient. Soms is het een beetje minder, maar met drie kinderen is er altijd wel eentje door iets gegrepen, waardoor de rest van de familie vanzelf meeleert.

Papier maken was zo’n project. Ik had het zelf niet bedacht, we hadden het jaren geleden eens gedaan (maar dat was Jet al vergeten) en de aanleiding was niet volgens een gangbaar curriculum: Philip was boos op Jet om iets marginaals, er lag een krant binnen handbereik en in plaats van zijn boosheid met een semi-automatische Smith & Wesson te bekoelen, besloot Philip het krantje te verscheuren. Waarmee anger management direct afgevinkt kan worden van het lijstje sociaal-emotionele kerndoelen.

‘Ik ga nog meer snippers maken’, zei Philip opgevrolijkt, ‘dan kan ik er zelf papier van scheppen.’ Hij snorde een oud schooltv-filmpje (hier) op, weekte de krantenstukjes en mixte alles tot pulp. Toen had hij een schepraam nodig.

Een schepraam. Doorgaans geen attribuut wat je in huis hebt als een project de kop opsteekt. Dus moest er een schepraam gemaakt worden. Gelukkig stond hier een handleiding en hadden we het materiaal in huis: een pakje hordoek (voor vakantiehuisjesramen) en roerhoutjes, beide van alleswinkel Action of Xenos.

Als je eerst met de spijkerkop een paar tikjes op het hout geeft en pas daarna de spijker in het voorgetimmerde stukje slaat, splijt het latje minder snel.

En omdat roerlatjes van waaibomenhout zijn, kun je het hordoek met gewone nietjes vastmaken – je drukt ze er zo in.

Het resultaat mocht er wezen. Het was niet helemaal het flinterdunne velletje waar Philip op had gehoopt, maar het was onmiskenbaar papier.

Onverwacht kwam van het een het ander. We gingen op bezoek bij bevriende thuisonderwijzers, die voorstelden om de oude papiermolen te bezoeken op een steenworp afstand van hun huis.

Zo’n prachtige oude windmolen uit 1692, waar al die eeuwen lang papier gemaakt is. Met een voltijdse molenaar en kleine raampjes waar sfeervol zonlicht doorheen valt.

Met bergen lompen, oud zeildoek en scheepstouw dat aan repen gesneden moet worden.

Zo’n molen met ambachtelijke woorden waar de huidige tijdgeest aan voorbij is gegaan. Woorden als verzijgkast en stamperton.

En zo’n stamperton heeft natuurlijk lak aan nieuwerwetse flauwekul als een arbowet met z’n maximaal aantal decibellen. Die buldert gewoon op volle sterkte door, net als in 1692.

In de scherpkamer worden de maalplaten nog met moker en beitel geslepen.

En bij de schepkuip werkt de molenaar met ellenbogenstoom

wanneer hij een vel papier uit de kuip schept.

Hij liet zien hoe klanten hun eigen watermerk in het papier kunnen bestellen. Het gewenste logo of wapen wordt in het gaas van het schepraam genaaid, zodat het papier op die plaats wat dunner wordt. Dat kun je zelf natuurlijk ook doen in je hordoek.

Ten slotte kwamen we erachter waarom Philips vel papier zoveel dikker was dan dat van de molenaar. Waar wij thuis een dikke pap van krantensnippers hadden gemaakt, moet de pulp eigenlijk bestaan uit 99 procent water en 1 procent pulp. Dan krijg je een prachtig dun vel.

We gaan het vast nog een keer proberen. Als Cato allang vergeten is dat we ooit papier gemaakt hebben. Als Philip een boze bui afreageert op een krantje. Als Jet een vel briefpapier wil maken met haar eigen watermerk. Als het volgende project zich aandient.

Papiermolen ‘De Schoolmeester’ heeft geen eigen website, maar deze drie geven samen genoeg informatie voor een bezichtiging of nader onderzoek:

%d bloggers liken dit: